Weetjes, wist U dit al ?

De Cavalier King Charles Spaniel de nummer 1 gezelschapshond is in Engeland ?



De eerste Cavalier King Charles Spaniels in 1952 naar Amerika werden verstuurd als een kado voor Lady Forwood ?


Het ware doel van dit ras altijd geweest is, dat van een gezelschapshond..  

Het verhaal doet de ronde dat Queen May van Schotland zo verknocht was aan haar Cavaliertjes dat zij ze zelfs verstopt had onder haar rokken tijdens haar onthoofding…..

 

De zgn. beautyspot bij de blenheim ons terug voert naar een hele oude sage waarin wordt verhaald over Sarah, Hertogin van Marlborough. Dat verhaal vertelt ons dat ze erg ongerust was over haar man, die betrokken was bij de slag om “Blenheim”,  dat ze haar duim herhaaldelijk drukte op het hoofdje van haar spanieltje wat op het punt stond om een nestje te krijgen. Later bleken al deze pups uit dat nestje een “spot”  te hebben verkregen….. 

De hondenneus ruikt ongeveer 7000 keer beter naarmate het geurmembraan groter en de lucht vochtiger is. Daarom houden veel honden hun neus in de wind. Daardoor wordt hun reukvermogen groter. Nieuwe dingen in huis worden eerst besnuffeld en vervolgens ingedeeld in "eetbaar", "gevaarlijk" of "onbelangrijk". Plantengeuren zijn voor de meeste honden niet opwindend, maar de geur van potaarde verleidt hen er vaak toe om erin te graven.

De buik is het gevoeligste lichaamsdeel van de hond. De huid is nauwelijks behaard en daardoor kwetsbaar. Als een hond aan een soortgenoot, een ander dier of een mens zijn buik 'presenteert', geeft hij daarmee blijk van groot vertrouwen of onderworpenheid. Bij andere honden werkt dit deemoedgebaar remmend op het bijten. Een gevecht is bijna altijd beëindigd als één van beide kemphanen op zijn rug gaat liggen. Probeer nooit een vreemde hond op zijn buik te krabbelen. Hij zou het als een uitdaging opvatten en zich verdedigen. Als in de natuur een roedel wolven stuit op een andere wolf, wordt deze –per definitie-  afgemaakt! Geen ridderlijkheids-gedrag, geen medelij! Denk daar eens aan als je met je eigen ‘roedel’ door het bos loopt….

In het bos moet u uw hond aan de lijn houden, anders krijgt u problemen met de boswachter. In een bos dat omheind is, leeft meestal veel wild. Het is daarom onverstandig daar uw hond los te laten. Voor joggers zijn de lange schaduwrijke paden ideaal. Wanneer uw hond braaf naast u blijft lopen, kunt u hem aan een lange rollijn meenemen. Wanneer u wilde zwijnen tegenkomt, kunt u beter snel weggaan. Ze kunnen jongen hebben en dus gevaarlijk zijn.

De zwaarste test voor een hond is om een spoor te volgen ondanks aantrekkelijke afleidingen. De minst 'omkoopbare' van alle rassen is hierbij de Bloedhond gebleken.

Dat het heel normaal is wanneer honden af en toe gras eten? Het helpt ze bij hun spijsvertering.

 
Dat de voorpoten van een hond groter zijn dan de achterpoten omdat ze bij het lopen 60% van het gewicht dragen?



Dat tussen de 8 en 12 weken het leervermogen van een pup het grootst is? Wat hij dan leert, vergeet hij nooit meer. De voorwaarde is echter wel dat je blijft trainen met je hond. Leer je bijvoorbeeld in die periode je hond zitten en je herhaalt dit later niet, dan zal je hond dit vergeten.


Blijf altijd rustig, zorg ervoor dat je niet gefrustreerd raakt als de hond niet meteen doet wat je van hem verlangt. Geduld en doorzettingsvermogen worden op termijn beloont.
Als een hond bv moet gaan zitten, dit commando niet 20 keer geven. Één commando moet voldoende zijn, druk de hond daarna zachtjes op zijn achterste terwijl je de hond naar achteren trekt met de riem en geef tijdens deze handeling weer het commando zit.

Bij positief resultaat meteen belonen (spelen of iets lekkers geven, sommige honden vinden een aai over de kop of klopje op de borstkast al genoeg) en stoppen met de oefening. Bazen hebben de neiging door te gaan met de oefening tot de pup/hond geen zin meer heeft.

Dat de laatste wetenschappelijke theorie betreffende de puberteit is dat de puberteit bij zoogdieren (ja, ook honden dus) net zo lang duurt als diegene die naast hem (of haar) staan dat gedrag toelaten. Met andere woorden: bij goed leiderschap hebben honden een korte puberteit…
 

Dat een loopse teef in de omgeving uw hond zo kan opwinden dat hij door 'liefdesverdriet' zijn eetlust verliest?


Dat reuen pas hun poten optillen bij het plassen wanneer ze geslachtsrijp zijn? Daarvoor plassen ze net als teven.


Dat paarden meer van honden met staande oren houden dan van honden met slappe oren, omdat die vriendelijkheid betekenen?


Dat goede jachthonden nog na meer dan 48 uur kunnen ruiken waar een ree gelopen heeft?


Dat koeien zich meestal verdedigen en honden wegjagen wanneer die in hun weide rondlopen of spelen?


Dat hondenvoer in Zuideuropese landen vaak knoflook bevat?


Dat paarden tamelijk bange wezens zijn, die door het geblaf van een kleine hond al in paniek kunnen raken? De hond (ja, OOK de kleinste!) is nog steeds een wolf(je).


Dat je als vuistregel bij pups aan de grootte en dikte van de poten kunt zien hoe groot ze zullen worden?


Dat honden die een erf verdedigen dit in bijna alle gevallen doen uit angst, al ziet dit er niet zo uit. Dit heeft weer met die winnaars ervaringen te maken. Elke keer als er iemand bij zo’n terrein komt (postbode) gaat hij ook weer weg. De hond wint dus. Hij wordt hier ZO zeker van dat hij uiteindelijk alle vertoningen laat zien van een zelfverzekerde, dominant agressieve hond. Dat zelfverzekerde gedrag is gekoppeld aan het eigen terrein. Vandaar dat de hond in een andere situatie zich weer neutraal op kan stellen.

 

Dat de meeste problemen met honden worden veroorzaakt doordat mensen hen te veel menselijke eigenschappen toelichten?

 
De ideale leeftijd om een pup in huis te halen is wanneer het dier ong. acht weken oud is. Dat dit ook wel eens later gebeurt heeft te maken met de 2e vaccinatie, die dan nog niet altijd gebeurd is. Een fokker, wij ook, zal doorgaans de pups met 8 weken weg doen. Heel verstandig omdat de fokker nooit helemaal zeker weet hoe de nieuwe eigenaar om zal gaan met de pup.

Met 7 weken is de puppy  dan nog wel een heel klein, gevoelig wezentje, houd er altijd rekening mee !




Al na 20 tot 30 minuten spelen zijn pups moe en slaperig. Wordt deze rust hen niet gegund, dan kan dat tot ontwikkelingsstoornissen leiden zoals een overbelast zenuwstelsel, waar zelfs agressie uit voort kan komen. Omdat tijdens het slapen de ademhaling, hartslag en het zuurstofgebruik afnemen, zorgt de hond voor een gelijkmatige lichaamstemperatuur door zijn lichaamsoppervlakte te verkleinen door in elkaar te rollen. Slechts 10 tot 15% van de totale tijd dat hij slaapt, is een hond in diepe slaap. Gedurende deze fase droomt hij ook.

 

 

De hondenpoot bestaat uit een duimteen, een teenbal, twee zoolballen en drie voetwortelballen. Onder de haarloze dikke huid bevinden zich elastische vezels met vetcellen die als stootkussentjes dienen. Klieren produceren geurstoffen die met iedere stap aan de grond afgegeven worden, waar ze hun boodschap later weer doorgeven aan andere honden. Dit de enige plaats waar 'n hond zweet.


Fietstochten zijn alleen geschikt voor honden met een goede conditie. Ook zult u weinig plezier beleven aan een tocht met een hond die bij iedere hoek blijft staan om even te snuffelen. Vaak wordt overschat hoeveel uithoudingsvermogen een hond nodig heeft om met een fietser mee te lopen. Fiets niet te lang wanneer het warm is en laat uw hond zo mogelijk op gras of een berm naast het fietspad lopen, geef hem veel te drinken en neem regelmatig pauze. Een kleine hond kunt u meenemen in een fietsmand. Gebruik een tuigje voor hem zodat hij er niet uit kan vallen.
 

Een beproeving is voor een hond een verband om zijn poten. Moet het dier rust houden, bijvoorbeeld na een gewrichtsoperatie, dan kunt u het beste de hondenmand in een hoge doos doen, waar hij niet uit kan. Het verband mag niet nat worden. Bij regen kunt u een jasje uit een vuilniszak knippen en over het verband doen. Oefen dit dus ook eens als de hond niet ziek is.. Ruik ook eens in de oren en in de bek van een gezonde hond. Dan kun je later ruiken of er bv. een oorontsteking is…
 

Gaat u met de pup wandelen, bedenk dan : Je kan de volgende vuistregel toepassen voor de afstand van de  wandeling: dit is ongeveer
1 minuut lopen per week dat de pup oud is. Voorbeeld : een pup van 9 weken  per wandeling maximaal 9 minuten (wel meerdere keren per dag…)


Bekaf zijn pups beneden de zes maanden gemiddeld elke twee uur. Ze hebben dan tijd nodig om al het nieuwe dat ze beleefd hebben te verwerken.
Soms vallen ze midden in hun spel plotseling om en zijn dan een hele tijd zelfs niet wakker te krijgen met de geur van eten.
Even plotseling als de vermoeidheid begint, is ze ook weer voorbij. Uit een diepe slaap kan een jonge hond opspringen en doorgaan met het spel waar hij mee bezig was, alsof er niets is gebeurd.
Alle jonge honden 'moeten nodig' als ze wakker worden.
Als u razendsnel reageert, heeft u ze snel zindelijk.

Bij het wandelen in de sneeuw verbruiken kleine honden veel meer kracht dan grote. Ondanks hun geringe gewicht zinken ze in losse sneeuw tot hun buik weg, waardoor elke stap een calorieënverslindende sprong wordt. Het hart wordt hierbij bovenmatig belast. Hou wandelingen door diepe sneeuw daarom kort. Drie of vier korte wandelingen door de sneeuw zijn voor een hond gezonder dan één lange. 

Honden houden niet op met eten wanneer ze genoeg hebben, maar zetten overtollige voeding in vet om, voor moeilijke tijden.

Ga niet direct na het eten met de hond naar buiten. Geef hem (vooral grote honden) pas eten na afloop van de wandeling of arbeid.( maagtorsie). Houd wel uw puppy in de gaten, een pup moet meestal wel vrij kort na het eten naar buiten om zijn/haar behoefte te kunnen doen. 

Oogverzorging: Van honden met lange haren of hangende oogleden moeten de ogen dagelijks verzorgd worden. Maak een zachte, niet pluizende katoenen doek of een papieren tissue vochtig met lauwwarm water en maak daarmee iedere ochtend de ooghoeken schoon. Zo herkent u ook eventuele oogziekten eerder. Als uw hond regelmatig ontstoken ogen heeft, kunt u ze dagelijks met kamillethee schoonmaken.


Nagels knippen: honden die niet graag op asfalt lopen, hebben vaak te weinig slijtage aan hun nagels.
Die moeten dan geknipt worden. De eerste keer vraagt u uw dierenarts om u te laten zien hoe ver u mag knippen. Een trimster kan dit ook doen.
Daarna kunt u het zelf doen, maar wacht niet tot je hond moeite krijgt met lopen. Belangrijk is dat u de nagels recht afknipt, dus in een haakse hoek.
Denk ook aan dat “ene teentje bovenop”. Vraag iemand anders om de hond vast te houden. Degene die knipt moet altijd de poten vasthouden.

Oren: Het beste kunt u honden op een speelse manier aan de schoonmaakprocedure laten wennen als ze nog een pup zijn. Alleen indien de noodzaak aanwezig is : Trek het oor recht, druppel wat oorreinigingsoplossing naar binnen en krabbel aan de basis van het oor om het vuil op te lossen. Het beste is om beide oren tegelijk te behandelen, dat is prettiger voor de hond. Gebruik nooit wattenstaafjes, want daarmee schuift u het oorvuil naar het trommelvlies in plaats van dat u het verwijdert.

Tandverzorging: Veel honden hebben aanleg om tandsteen te krijgen, die tot tandvleesontsteking en het verlies van tanden kan leiden. Daarom zou het eigenlijk goed zijn om na iedere maaltijd de tanden van de hond te poetsen. Daarvoor kunt u een speciale hondentandenborstel en -tandpasta gebruiken. Doe de lippen een stukje naar boven en borstel de tanden en kiezen aan de binnen- en buitenkant en op de kauwvlakken. Begin hier al heel vroeg mee, zo went uw hond snel aan de poetsbeurt. Of geef gewoon eens een vers gekookt (en afgekoeld) bot…

Wanneer honden stinken: de huid van honden die graag in het water gaan of vaak baden, wordt ontvet. Als gevolg daarvan produceren de talgklieren meer afscheiding en dat ruikt dan tamelijk vies. Meestal hebben honden niet echt een bad nodig. Vaak is een poedelbeurt met een washandje en een ruige handdoek voldoende. Gewoon schoon water ontvet de huid niet. Bij veelvuldig wassen gaat de natuurlijke weerstand van de vacht achteruit en moet je juist vaker wassen. Zo min mogelijk wassen is het advies.

Een hopeloze zaak wordt het zindelijk worden van een hond, wanneer hij als pup hierover steeds op zijn donder krijgt. Jammer genoeg gebeurt dat al gauw, omdat de eerste hoopjes van een hond nu eenmaal meestal in huis terechtkomen. Straffen is verkeerd tenzij je hem kunt betrappen. Regelmatig naar buiten gaan vermindert het aantal ongelukjes in huis. Beloon de hond overdadig met woorden en lekkere hapjes wanneer hij zijn behoefte buiten doet. Leer de pup vanaf het begin meteen WAAR hij zijn behoefte mag doen en WAAR NIET.

Reisziekte: Eeen aantal uren voor je op reis gaat, mag de hond niet eten, maar water drinken mag hij natuurlijk zoveel hij wil. Kan uw hond slecht tegen autorijden of andere vervoermiddelen, dan kan je hem een uurtje voor de reis een kalmeringstabletje geven. Het is belangrijk dat de hond zo zit dat hij niet uit het raam kan kijken. Probeer het eens met een homeopathisch geneesmiddel. 

Hij zit altijd op mijn lievelingsplaats. Vooral zelfverzekerde honden proberen zichzelf op deze manier tot leider van de roedel uit te roepen. Om erger te voorkomen moet u er zonder meer op staan dat hij van uw plaats af gaat, zonodig met geweld. Ga daarna demonstratief op uw plaats zitten en schenk pas weer aandacht aan uw hond wanneer hij berouw getoond heeft. Een vaste plek in iedere ruimte waar de hond komen mag, zorgt ervoor dat deze strijd niet nodig is.

In de ogen van uw hond meldt u hem regelmatig waar u bent, wanneer u hem vaak roept. Dat stelt hem gerust, hij kan dus onbezorgd zijn gang gaan, zonder bang te hoeven zijn u kwijt te raken. Dat u hem roept omdat hij moet komen, begrijpt hij niet. Eenmaal roepen moet genoeg zijn. Wanneer de hond dan niet reageert, loop dan weg. Dan zoekt hij u en niet omgekeerd!



Iedere hond heeft zijn persoonlijke ervaringen met mensen. Wanneer hij geleerd heeft dat grote mannen met een baard 'vals' zijn, kleine speelse kinderen 'vermoeiend' of vrouwen met een hoed 'bedreigend', dan zal hij misschien bijten. Leer vooral kinderen dat ze nooit op een hond moeten afrennen om hem te aaien, zonder dat de eigenaar het groene licht gegeven heeft. Trouwens, een slechte ervaring kan alleen slijten door veel goede ervaringen. Zorg voor een 'happy-end'.

 

Zeuren, blaffen, klieren of op een andere manier aandacht trekken, vroeg of laat lukt het en deelt de mens zijn 'buit' met hem. Het vervelen en zeuren schijnt er bij te horen en dat neemt hij dus maar voor lief. Dat hij het toch het langste uithoudt, weet hij al snel. Wanneer u niet wilt dat uw hond bedelt, laat u dan door niets vertederen. Zo nodig sluit u de hond even op. Een kamer kennel of zgn bench werkt hierbij zeer goed.

Wanneer twee honden samen aan het jagen zijn, is er geen enkele rivaliteit tussen hen. Zonder zich op elkaar af te stemmen verdelen ze het "werk". De prooi, ook al is het maar een bal, heeft weinig kans bij een aanval door zo'n minimeute. Pas wanneer de "vijand" veroverd is, ontwaakt de concurrentie weer. Dan willen ze namelijk allebei het beste deel ervan. Trouwens, bij het samen stropen laten honden zich direct door een ander ophitsen. Bij het verdelen wordt het spel bittere ernst.

In de auto krijgen heel veel honden het op hun zenuwen, maar er zijn er ook die het zo leuk vinden dat ze in iedere auto die open staat gaan zitten. Uiteraard kunt u de eerste soort niet meenemen op een lange autotocht. De liefhebber kunt u gerust meenemen op een lange reis met de auto, maar let er op dat het niet te warm voor hem wordt.

Als honden in afgesloten hondenhokken worden vervoerd, dienen deze niet te groot te zijn, kleine honden kun je het beste in hun eigen kamerbench in de auto vervoeren, ze gaan dan in hun eigen stekkie op reis en worden minder zenuwachtig.

Aan het strand zijn honden niet geliefd vooral wanneer het om een strand gaat waar gezwommen wordt. Vaak zijn er wel afgelegen stukken strand waar geen mensen zwemmen, die uw hond de gelegenheid voor een verfrissend bad geven. Maar ook gebeurt het geregeld dat de gemeente waarin het zwemwater ligt, een verbod voor honden uitvaardigt. Daar moet u goed op letten, want juist in het zwemseizoen zijn er geregeld controles op pad en die geven forse boetes wanneer u betrapt wordt.

Ook kleine honden hebben veel beweging nodig! Honden zijn loopdieren, ook al zijn er rassen waarvan je dat niet zou zeggen, bijvoorbeeld de Mopsen. Maar ook die bewegen graag, misschien wel liever dan de bijbehorende baas. Wanneer een hond het niet leuk vindt om te gaan wandelen, is hij ziek of te dik en daarom traag. Natuurlijk kunnen sommige kleine honden niet echt snel lopen. Voor joggers en fietsers zijn grotere rassen geschikter. U doet hen zeker geen plezier door hen op te tillen en te dragen. 


Geef een kind geen eigen hond voor het twaalf jaar oud is, omdat het anders de verantwoording nog niet aankan. Ook op deze leeftijd moet u zich afvragen of uw kind eraan toe is en het nodige geduld kan opbrengen om een hond dagelijks te verzorgen, uit te laten, met hem te spelen, hem eten te geven en te kammen.
Buiten dat moet u ook bereid zijn deze taken over te nemen wanneer uw kind, ondanks alle goede voornemens, het dier verwaarloost.
Ook kan het gebeuren dat de hond bij u blijft hangen, wanneer uw kind na een paar jaar het huis uit gaat en de hond niet wil of kan meenemen.

In de ogen van uw hond spreekt u opeens 'Chinees' als u hem voor vreemden de kunstjes wil laten doen, die hij bij u thuis zo enthousiast uitvoert. In het bijzijn van anderen verandert u namelijk van lichaamshouding, mimiek, spreektempo en intonatie.
Uw hond merkt dat veel scherper op dan wij mensen.
Hij weet werkelijk niet wat u van hem wil. Hoe meer u opgewonden of kwaad wordt, des te minder kan uw hond u volgen.

Een grote hond kan een enorme kracht ontwikkelen wanneer hij wordt uitgedaagd of als hij zijn grenzen verkent. Wie hem tot een trouwe metgezel wil opvoeden, moet niet alleen lichamelijk tegen hem zijn opgewassen, maar ook consequent zijn, wilskracht tonen en een goede kennis van honden hebben. De meeste fouten worden gemaakt door mensen die hun honden onder- en zichzelf overschatten. Laat een klein kind niet met een grote hond aan de lijn wandelen. Hieraan zijn altijd risico’s verbonden (Tot ongeveer 15 jaar is een kind vaak lichamelijk en psychologisch NIET in staat om een hond aan te kunnen.)

Schoolkinderen worden door het hebben van een huisdier verstandiger. Dat was de uitkomst van een onderzoek van prof. Guttmann van het instituut voor psychologie van de universiteit van Wenen. Scholieren met honden en/of andere huisdieren bleken intelligenter te zijn en een beter contact te hebben met hun medescholieren dan kinderen zonder huisdier. In Amerika worden honden gebruikt om autistische kinderen contact te laten maken met de buitenwereld. Met succes.

Janken en jammeren daar vraagt u om wanneer u bij uw hond medelijden laat blijken. Wanneer er iets normaals gebeurt, bijvoorbeeld wanneer de hond lange tijd alleen moet blijven, in bad moet of buiten een winkel moet wachten, zeg dan nooit:"Ach, arme Bobby!" Reageer juist heel rustig en nuchter wanneer hij laat merken dat hij iets niet leuk vindt. U kunt nog beter boos worden dan laten merken dat u het zielig vindt. Omdat het heel moeilijk is om aangeleerd gejammer weer af te leren, moet u ervoor zorgen dat ook uw gezin hier op let.

Angst voor honden komt ook bij honden voor. Pups hebben veel contact met andere honden nodig en moeten zoveel mogelijk met soortgenootjes spelen. Als zulke kleine pups alleen nog maar mensen zien, leren ze niet om met soortgenoten om te gaan. Tegenover andere honden gedragen ze zich vals en ze zullen zeker een keer gebeten worden. Het gevolg is angst voor soortgenoten. Een pup van twaalf weken went even gemakkelijk aan mensen als een jongere pup.




Iedere hond moet een paar uur alleen kunnen blijven, zonder te janken of dingen in huis te vernielen. Om het alleen zijn minder erg te maken, kunt u het weggaan en terugkomen met iets aangenaams combineren. Bij het weggaan moet u hem in geen geval troosten of laten merken dat u het zielig vindt. Geef hem iets lekkers en ga weg. Bij het thuiskomen begroet u hem enthousiast en geeft u weer wat lekkers. Oefen eerst met korte tijden en bouw dit alleen zijn steeds met langere tijden op. Dat is de beste manier om een hond op te voeden. 


 

Let op : Niet meteen na thuiskomst de honden enthousiast begroeten, maar ik wil de kanttekening plaatsen dat eea verschilt per hondje, dit kan over- enthousiasme bij sommige honden veroorzaken zoals piepen, blaffen etc, wat de buren dan weer niet waarderen. Tevens weten de honden precies wanneer de auto van de baas voor komt rijden, en ze kunnen dan al aan het piepen, blaffen slaan. Beter is om bij thuiskomst, ze te negeren en tot rust te laten komen en daarna later pas uitbundig te begroeten.

Het ras alleen zegt helemaal niets. Ga er nooit simpelweg vanuit dat alle grote witte honden vriendelijk zijn en dat alle Rottweilers of Dobermanns voorzichtig benaderd moeten worden. Iedere hond is een individu, zijn karakter hangt voor het grootste deel af van de omstandigheden bij het fokken en van zijn opvoeding. Let bij een ontmoeting met een grote hond niet in de eerste plaats op het ras, maar op zijn lichaamshouding, de mimiek en de stand van de oren. Daaraan kunt u beter zien of hij tegenover u vriendelijke of vijandige bedoelingen heeft. Met de hondentaal zouden alle mensen, en vooral kinderen, zich vertrouwd moeten maken.

Hij stoort me steeds wanneer ik gasten heb. Het succes geeft iedere rustverstoorder gelijk: hij begint nog maar net met blaffen en janken of aandacht trekken door te springen, speelgoed aan te slepen of te bedelen, en ja hoor, hij krijgt weer alle aandacht. Provoceer hem met een feest, waar hij, wat hij ook doet om aandacht te trekken, van niemand ook maar enige aandacht krijgt. Dat werkt hem op de zenuwen, maar het werkt, want ook de wildste hond krijgt er genoeg van wanneer hij geen aandacht meer krijgt. Geef hem pas aandacht als hij een tijd lang rustig is geweest. Drie van zulke hondenfeesten zijn gegarandeerd genoeg.

Mijn hond steelt van de tafel. Het is de aard van elke hond om alles wat eetbaar is en binnen zijn bereik ligt zo snel mogelijk naar binnen te schrokken. Als hij op heterdaad betrapt en direct wordt gestraft, zullen zulke rooftochten hem snel tegen gaan staan. Wen hem bovendien aan regelmaat bij uw maaltijden. Eet steeds op dezelfde plaats, op dezelfde tijden, begin de maaltijd met een vaste spreuk ("Eet smakelijk!") en geef hem onder het eten nooit lekker hapjes.

Geef de hond(en) pas te eten nadat je zelf gegeten hebt.

In de ogen van uw hond ben je goed 'opgevoed' als je je bij het wandelen aanpast aan zijn tempo en route. Hij loopt (en trekt) voorop - je volgt en wacht braaf wanneer hij iets te snuffelen ontdekt heeft. Wees dus niet verbaasd als hij zich niets aantrekt van uw roepen of uw tempo - bijvoorbeeld bij gladheid of als je een praatje wil maken. Verander bij het buiten laten regelmatig plotseling van richting. Zo leert je hond zich op u te concentreren en te volgen.

De baas dient het tempo en de richting te bepalen, ga bij trekken een andere kant op dan de hond wil of gaan stil staan, net zolang tot de hond de kracht op de lijn opheft, heel belangrijk is het om de hond hierna te belonen, door een aai over zijn kop of iets lekkers. Positief gedrag wordt dan beloond.

In de ogen van uw hond wordt zijn angst voor een auto bevestigd, wanneer u probeert hem op zijn gemak te stellen, want daar zult u wel een reden voor hebben. Dus wordt hij hysterisch, wat een lichamelijke reactie (spugen, hijgen, misselijkheid) kan geven. Wanneer uw hond bang is in de auto, leid hem dan af, negeer zijn angst en laat hem leuke dingen doen (eten). Rij hele kleine stukjes naar het park of bos dat helpt op den duur.

Imponeergedrag oefenen jonge honden op andere pups of andere huisdieren of mensen. Daaronder valt bijvoorbeeld het speelse 'boven-de-snuit-bijten', waarbij nooit echt doorgebeten wordt, en het neerdrukken van de speelkameraad: daarbij drukt de pup een lichaamsdeel van de "tegenstander" met de snuit tegen de grond. De melktanden van honden zijn erg scherp. Bij het spelen kan u hem beter een sok dan uw hand als prooi laten gebruiken.  Bij het spelen met een pup, ziet deze de hand van een mens als de snuit of bek.

Mijn hond laat zich niet kammen. Als een hond zich verzet tegen kam en borstel, leen dan een hond die van deze behandeling wel geniet. Hij zal deze ruwe maar hartelijke strelingen niet aan een rivaal gunnen, en wil ze dan zelf ondergaan. Als het de eerste keer niet lukt, dan de volgende keer wel. Aai de hond terwijl u hem borstelt, dan zal uw hond al snel gaan uitkijken naar deze tijd die u aan hem alleen besteedt.




"Speel met mij" vraagt een hond als hij voorpoten en buik tegen de grond legt en daarbij zijn achterste in de lucht steekt. Als 'versterking' van hun spelgeblaf slaan veel rassen bovendien wild met hun staart heen en weer. Bij jonge wolven en verwilderde honden verdwijnt dit spelgedrag na hun tweede levensjaar. Bij honden blijft het tot op hoge leeftijd. Een hond in speelstemming is bijzonder ontvankelijk voor nieuwe trucjes. Van zo'n gelegenheid kunt u gebruik maken.

In de ogen van uw hond bent u de verliezer wanneer u na een stoeipartij om een stok, een bal of een pantoffel de 'buit' uiteindelijk aan hem overlaat. In het vervolg ziet hij het als zijn recht om dingen die hij wil hebben van u af te pakken. In geval van nood zelfs met geweld. Zorg dat u iedere stoeipartij met een sterke hond 'wint'. Pas alleen op met van nature erg onderdanige honden. Laat deze gerust eens winnen, maar win wel het laatste spelletje. Zo zorgt u ervoor dat u wordt gerespecteerd.


Helemaal mee eens, na het spelen het speeltje opbergen en iets lekkers geven, dan houden ze er plezier in en baas blijft de baas.

 

 

                                                                                    << index-pagina >>

                                                                              © van het Labber Kampje Cavaliers