|
Regelmatig
komt het voor dat we bij onze een huisdieren een bultje ontdekken.
Meestal helemaal geen reden tot paniek, maar over het algemeen is
het wel raadzaam om dit bultje door uw dierenarts te laten bekijken.
Het kan een simpele ontsteking zijn, maar er kan ook sprake zijn van
een meer of minder vervelende tumor. Er bestaan namelijk tumoren die
er op het oog heel onschuldig uit zien, maar die toch vervelende
gevolgen kunnen hebben. Soms kan uw dierenarts op het oog al een
sterk vermoeden van het soort bultje hebben, soms is het nodig dat
hij of zij er met een naald wat celletjes uitzuigt en deze voor
onderzoek opstuurt naar een extern laboratorium. In de meeste
gevallen zal het allemaal met een sisser aflopen, maar het kan, of
doordat het bultje kwaadaardig is of doordat het op een vervelende
plek zit waardoor het dier er last van heeft, nodig zijn om het
bultje chirurgisch te verwijderen.
Naast de zichtbare tumoren bestaan er ook tumoren die in de
inwendige organen zitten en die we dus aan de buitenkant niet zien.
Zij kunnen allerlei symptomen geven, zoals vermageren ondanks goede
eetlust, braken, diarree etc.
In de navolgende tekst geven we een uitgebreider overzicht van de
verschillende meest voorkomende tumoren die we bij onze
gezelschapsdieren kunnen tegenkomen. Afhankelijk van het type tumor
en de lokalisatie kunnen deze tumoren meer of minder ingrijpende
maatregelen vereisen.
Lipoom.
Een lipoom is eigenlijk gewoon een vetbult, een woekering van
vetcellen. Ze komen bij de oudere hond relatief vaak voor, bij de
kat zien we ze minder vaak. Ze kunnen op alle plaatsen van het
lichaam onder de huid voorkomen en groeien meestal langzaam. Over
het algemeen zijn deze bulten totaal ongevaarlijk en kunnen we ze
met een gerust hart laten zitten. Alleen als de vetbult op een
vervelende plaats zit, waardoor het dier er last van heeft
(bijvoorbeeld in de oksel) kunnen we toch besluiten om de bult te
verwijderen. Meestal blijven de bulten dan weg, maar er is altijd
een risico dat er of op dezelfde plek of op een andere plek nieuwe
bulten ontstaan.
Talgkliertumor.
Een talgkliertumor is eigenlijk een overvulde talgklier die we
vooral bij oudere honden tegenkomen. Ze zitten meestal in de nek of
op de rug. Het zijn grotere of kleinere bulten in de huid die nogal
eens een korstje hebben. Vaak is het mogelijk om de talg er uit te
drukken, maar dit is niet nodig bij een rustig ogend bultje waar de
hond geen last van heeft. Over het algemeen zijn de bulten
goedaardig, ze kunnen alleen soms aanleiding geven tot een
ontstekingsreactie en dan kan het nodig zijn de bult te verwijderen.
We zien ze veel bij Cocker spaniels en poedels, maar ze kunnen
eigenlijk bij alle rassen voorkomen.
Heel zelden kan een talgkliertumor kwaadaardig ontaarden, dit noemen
we een talgklieradenocarcinoom.
Perianaalkliertumor.
Perianaalkliertumoren komen regelmatig voor en zitten voornamelijk
rond de anus, maar kunnen soms ook op de staart, op de voorhuid en
op de achterhand van de hond voorkomen. Ze komen voornamelijk bij
reuen voor, zelden bij teven. Ze zijn meestal goedaardig, maar
kunnen soms kwaadaardig worden. Het is een hormoongevoelige tumor,
die verdwijnt door het mannelijke dier (chemisch) te castreren.
Anaalzaktumor.
Het anaalzakcarcinoom is een kwaadaardige tumor die voornamelijk bij
teven voorkomt. De cellen van de anaalzakken, dit zijn de twee
inwendige zakjes aan weerszijden van de anus, kunnen kwaadaardig
ontaarden. Indien we zeker weten dat we met een anaalzakcarcinoom te
maken hebben, dienen we zo snel mogelijk de tumor te verwijderen.
Omdat het hier om een zeer kwaadaardige tumor gaat dienen we de
tumor zo ruim mogelijk weg te nemen, wat erg lastig kan zijn in het
gebied rond de anus, omdat we daar te maken hebben met allerlei
essentiële weefsels, zoals de kringspier.
Mastocytoom.
Het mastocytoom is een van de meest voorkomende huidtumoren bij de
hond, maar kan soms ook bij de kat voorkomen. Het komt zowel bij
jonge dieren als bij oudere dieren voor en ongeveer even vaak bij
reutjes als bij teefjes. Bij de hond komen ze voornamelijk voor op
de dijen en in de liezen. Meestal zien ze eruit zoals op
bovenstaande plaatjes te zien is, maar het komt ook voor dat de
uiterlijke verschijning van een vetbultje hebben. Als we bij een
biopt van een ‘vetbult’ naast de vetcellen ook andere cellen onder
de microscoop zien sturen we het preparaat eigenlijk altijd op voor
nader onderzoek. Mastocytomen hebben namelijk de potentie om
kwaadaardig te ontaarden en uit te zaaien naar lymfeknopen en
inwendige organen. Daarom halen wij ze eigenlijk altijd preventief
ruim weg.
Histiocytoom.
Een histiocytoom is een goedaardige huidtumor die regelmatig bij de
hond voorkomt, voornamelijk bij boxers, tekkels en spaniëls. De
tumor komt vaak voor bij dieren jonger dan twee jaar en de
gemiddelde leeftijd is vijf jaar. Histiocytomen kunnen over het hele
lichaam voorkomen en groeien vaak snel. De gemiddelde grootte is 2
cm doorsnede en het zijn vaak knoopvormige goed begrensde bultjes.
Ze zaaien niet uit en verdwijnen meestal uit zichzelf.
Melkkliertumor.
Knobbeltjes in de melkklieren komen, vooral bij de ouder wordende
teef, regelmatig voor bij honden van alle rassen. Deze knobbels
kunnen goedaardig (adenoom, 70 %) of kwaadaardig (adenocarcinoom,
30%) zijn. Sterilisatie van de teef heeft een sterk beschermend
effect, maar dan wel op zeer jonge leeftijd, voor de tweede
loopsheid. Sterilisatie op latere leeftijd geeft ook nog enige mate
van bescherming, maar dan vooral voor de goedaardige tumoren en niet
voor de kwaadaardige variant. Steriliseren om deze reden is ons
inziens daarom niet verantwoord.
Aan de buitenkant is nooit met 100% zekerheid te zeggen of we te
maken hebben met een goedaardige of een kwaadaardige tumor.
Goedaardige tumoren voelen vaak aan als harde, goed omschreven
knobbeltjes. Kwaadaardige tumoren zijn meestal minder goed
omschreven omdat ze in de omliggende weefsels groeien. Ze hebben een
sterke neiging tot uitzaaien naar de regionale lymfeknopen en de
longen.
De enige manier om erachter te komen waarmee we te maken hebben is
het nemen van een biopt en dit te laten onderzoeken. Indien er dan
kwaadaardige cellen worden gevonden weten we zeker dat we de tumor
met melkklierpakket(ten) en regionale lymfeknopen moeten
verwijderen. Vaak schrikken mensen van operatiewond omdat ze denken
dat we alleen het bultje weghalen. Maar omdat we vaak ook twee of
drie melkklierpakketten moeten meenemen ontstaat er een behoorlijk
grote operatiewond. We nemen dan meestal wel eerst röntgenfoto’s van
de longen om te kijken of daar al uitzaaiingen zitten. In het geval
van uitzaaiingen heeft verwijdering van de tumor namelijk weinig
zin. Indien er geen kwaadaardige cellen worden gevonden is dit een
gunstige uitslag, maar mogen we kwaadaardigheid nooit helemaal
uitsluiten (we kunnen de kwaadaardige haard net hebben gemist met
onze punctie-naald). Afhankelijk van het uiterlijk en de groeiwijze
van de tumor kunnen we dan soms alsnog besluiten om de tumor weg te
nemen.
Een kwaadaardige mammatumor is een carcinoom. Een carcinoom kan ook
op andere plaatsen in of op het lichaam voorkomen. Ze komen vaak
voor in de blaas(hals), in de anaalzakken, in allerlei inwendige
organen zoals de lever, de milt en de maag. Daarnaast zien we ze bij
witte katten nogal eens in de huid van de oren en op de snuit
(plaveiselcarcinoom). Zoals beschreven bij de melkklieren zijn het
zeer kwaadaardige tumoren die snel uitzaaien.
Maligne Lymfoom.
Zoals de naam al doet vermoeden, is maligne lymfoom een zeer
kwaadaardige tumoreuze ontaarding van cellen, die eigenlijk op bijna
elke plek in het lichaam voor kan komen.
Melanomen.
Melanomen zijn woekeringen van epitheelcellen en hebben meestal een
zwarte kleur. Ze komen zowel bij honden als bij katten voor en
meestal bij oudere dieren. Over het algemeen zijn ze goedaardig en
zien ze eruit als zwarte of bruine plekjes of bultjes in de huid.
Als de bultjes groter zijn dan 2 cm, als ze slecht begrensd zijn of
heel snel groeien dan is er meestal sprake van kwaadaardige
veranderingen. Bij honden komen ze meestal voor op de tenen, de
balzak, de romp en de zoolkussentjes. Bij katten zien we ze meestal
op de oren of rond de bek. Bij katten zijn melanomen bijna altijd
kwaadaardig. Bij de hond is 90% van de melanomen op de overgang
huid-slijmvlies (bijv. op de lippen) en 25-50% van de melanomen in
de huid kwaadaardig. Kwaadaardige melanomen kunnen uitzaaien naar de
longen en vooraf aan een chirurgische verwijdering dienen dus altijd
röntgenfoto’s gemaakt te worden. Helaas is het niet altijd mogelijk
om de tumor(en) ruim weg te nemen (bijvoorbeeld op de lip) en is er
een grote kans op recidief. De gemiddelde overlevingstijd van dieren
met kwaadaardige melanomen is 12 maanden. Ook bij dieren met
goedaardige melanomen is na verwijdering de kans groot op mogelijk
kwaadaardig recidief.
Haemangioom/Haemangiosarcoom.
Haemangiomen zijn goedaardige tumoren die uitgaan van de bloedvaten.
Ze komen vrij regelmatig voor bij oudere honden en zitten vooral op
de poten, de kop, de flanken en in de nek. Het zijn goed omschreven
rode min of meer ronde bultjes en vanbinnen bevindt zich meer of
minder bloed. Bij geheel wegnemen treedt er meestal geen recidief
op.
Haemangiosarcomen zijn kwaadaardige tumoren die gelukkig iets minder
vaak voor komen. We zien ze wel bij de Duitse Herder en de Boxer,
maar in principe kan elk ras een haemangiosarcoom krijgen. Meestal
zijn de dieren wel wat ouder, gemiddeld 9-10 jaar. Ze kunnen zich
overal in het lichaam bevinden: milt, hart, lever, huid, botten,
spieren, hersenen en maagdarmkanaal. Haemangiosarcomen zijn slecht
omschreven, zachte, vaak sponzige, rode massa’s van 1-10 cm
doorsnede. Ze zijn zeer kwaadaardig en zaaien snel uit, meestal naar
de longen, maar ook naar andere plekken in het lichaam. Bij een
haemangiosarcoom in het hart kan een dier plotseling dood blijven
omdat het hart op hol kan slaan.
Fibroom/Fibrosarcoom.
Een fibroom is een goedaardige tumor die uitgaat van het bindweefsel
en dus meestal voorkomt in de huid en de onderhuid. We zien het
meestal bij de oudere hond of kat. Ze zijn goed omschreven, meestal
vrij stevig, maar soms wat zachter en hebben meestal een ronde of
ovale vorm. Na chirurgische verwijdering zien we meestal geen
recidief.
Een fibrosarcoom is de kwaadaardige variant die regelmatig voorkomt
bij de hond en bij de kat. We treffen ze meestal aan in de huid, de
onderhuid, de mondholte, de neusholte, maar ook elders in het
lichaam. Ze zijn wisselend van grootte, maar kunnen soms zeer groot
worden. Ze zijn onregelmatig, slecht begrensd met vaak een kapotte
bovenliggende (geulcereerde) huid. Ze zaaien snel uit, meestal naar
de longen en zelden naar de regionale lymfeknopen. Na operatief
wegnemen zien we vaak snel recidief. |
|