Staar.

Staar is een vertroebeling van de lens van het oog, waardoor deze
ondoorlaatbaar wordt voor licht. Het toont zich doordat de zwarte
pupil in het centrum van de gekleurde iris geleidelijk grijzig en later
wit wordt. In het begin ontstaat hierdoor het beeld als bij het kijken
door matglas, bij verergering zal geleidelijk volledige blindheid ontstaan.

Een enkele keer ontstaat staar al op jonge leeftijd, soms wordt het gezien
als complicatie bij suikerziekte, maar in de meeste gevallen gaat het om
honden met ouderdomsstaar.

Bij honden zien we vanaf een leeftijd van 9 jaar dat de lens heel geleidelijk
troebel wordt. Zeker in het begin heeft het dier daar nog geen last van.
Pas na verloop van tijd kan merkbaar zijn dat de hond geleidelijk minder gaat
zien. Volledige blindheid zien we vooral bij honden die 14 jaar of ouder zijn.

Door de geleidelijke ontwikkeling past een dier zich meestal goed aan bij een
verminderd gezichtsvermogen. Binnenshuis zal het niet eens opvallen, zo­lang
de spullen in huis op dezelfde plaats blijven staan. Een hond kent de weg in
huis blindelings. Buitenshuis kan loslopen problemen geven, vooral als het om
een oude hond gaat waarvan ook het gehoor afneemt. Een groot verschil met
mensen is natuurlijk ook dat honden niet lezen of tv kijken en daarom veel
langer tevreden kunnen zijn met een wat minder scherp zicht.

Net als bij mensen is ook bij honden een staaroperatie mogelijk.

Bij het bovenbeschreven verloop bij oudere honden is dat meestal niet aan
de orde. Bij een jonge hond met staar ontstaat de blindheid vaak veel sneller,
zodat het dier zich minder kan aanpassen. Bovendien is de last die het dier
ervan ondervindt bij een jonge actieve hond veel groter. In dat geval kan een
hond voor operatie verwezen worden naar een oogspecialist. Als bij controle
blijkt dat het netvlies nog wel goed functioneert, kan tot operatie worden
besloten. Bij deze operatie wordt de ondoorzichtige lens verwijderd.
Na een geslaagde ope­ratie kan de hond weer zien, zij het met een minder
scherp beeld.

Allerlei nieuwe mogelijkheden die er voor mensen beschikbaar zijn,
kunnen geleidelijk ook wel bij dieren worden toegepast. Lasertechniek en
kunstlenzen zijn in principe ook bij dieren mogelijk. Het al dan niet tot
operatie besluiten zal een afweging zijn van de mate waar­in een dier last
heeft van het slechte gezichtsvermogen en wat de operatie betekent in
belasting van het dier en de portemonnee van de eigenaar.

 

                                  << index-pagina >>

                            © van het Labber Kampje Cavaliers