|
- Pas eerst op
gevaar voor uzelf, voor uw omgeving en voor het slachtoffer.
Bel de dierenambulance of de dichtstbijzijnde dierenarts.
- Blijf kalm en praat rustig tegen de hond, zoals tegen een klein
kind.
Houd oogcontact en vermijd plotselinge bewegingen en harde geluiden.
Gebruik de naam van de hond als u die weet.
- Laat het verkeer regelen en neem maatregelen om verergering van de
situatie te voorkomen.
- Leg, als er geen sprake is van ademhalingsmoeilijkheden, een
snuitbandje
aan. Probeer verder niet te veel te doen. Vermijd handelingen
waardoor de
verwondingen verergeren en kijk uit dat u niet gebeten wordt.
- Laat de hond, als hij daartoe in staat is, langzaam naar de auto
lopen en
help hem voorzichtig met instappen.
- Als de hond niet kan lopen, moet u hem optillen.
1. Voor kleine honden: pak hem voorzichtig op en hou alle vier de
pootjes
tussen uw armen.
2. Voor middelgrote honden: til hem voorzichtig op bij het voor- en
achterlijf.
De pootjes hangen dus los.
3. Voor grote honden: indien het voorhanden is, til de hond met
meerdere
personen op dmv een laken of een deken.
- Ernstig gewonde honden en honden met rugletsel mag u nooit laten
lopen
en ook niet dragen. In deze gevallen moet een draagbaar gebruikt
worden.
Bijvoorbeeld een plaat van hout of kunststof. Leg deze op de grond
tegen de
rug van de hond en pak met hulp van omstanders op verscheidenen
plaatsen
een huidplooi op de rug. Trek de hond dan op de draagbaar.
- Geef een gewonde hond nooit iets te eten of te drinken
(Bron- Folder
Dierenbescherming Eerste Hulp voor uw Hond)
<< index-pagina >>
© van het Labber Kampje Cavaliers |
|