Nier en blaasfunctie.

Een huisdier heeft normaal gesproken twee nieren. Als hoofdtaak heeft de nier de functie om overbodige en ongewenste stoffen uit het bloed te verwijderen. De nieren zijn direct verbonden met de bloedbaan en filteren ongeveer 25% van het bloed dat door het hart wordt rond gepompt. Bij een kat wordt ongeveer 20 liter bloed per dag gefilterd. De uitgefilterde stoffen verlaten het lichaam met de urine die ontstaat tijdens het filterproces. Een kat produceert met goed functionerende nieren ongeveer 0,1 liter urine per dag. De urine verlaat het lichaam vervolgens middels de nieren, urineleider, blaas en plasbuis.

Een nier bestaat uit een miljoen kleine filtertjes. Deze worden met vakjargon ook wel nefronen genoemd. De nefroon bestaat uit een soort dubbelwandige beker. In deze dubbelwandige beker zit een kluwen van bloedvaten. Deze bloedvaten bevatten kleine poriën en het te filteren bloed wordt onder hoge druk door deze poriën van de bloedvaten gestuwd. Het bloed kan door de dubbelwandige beker heen stromen en de ongewenste stoffen worden dan gevangen tussen de twee wanden van deze dubbelwandige beker. Deze tussenruimte van de beker is verbonden met een verzamelbuis. De nier voert de vloeistof die ontstaat, urine genoemd, middels deze verzamelbuis en de urineleider naar de blaas af. De blaas is te vergelijken met een rekbare ballon. De urine vanuit de nieren wordt hierin verzameld. Tijdens het vullen van de blaas rekt deze steeds verder op, totdat deze nagenoeg maximaal gevuld is. Is de blaas maximaal gevuld, dan wordt middels het zenuwstelsel een signaal naar de hersenen gegeven dat het tijd wordt de opgeslagen urine het lichaam te laten verlaten. Uw huisdier krijgt vervolgens aandrang te moeten plassen.

Ongewenste stoffen die worden verwijderd zijn:

  • overtollig materiaal van de stofwisseling
  • overtollig zout (natrium)
  • te veel water in het bloed
  • geneesmiddelen zoals penicilline


Zie onderstaande plaatje links een nier en rechts een klein filtertje, zogenaamde nefroon.

 

Symptomen en onderzoek:

Symptomen bij aandoeningen van de nieren, blaas en de urinewegen:

  • Koorts is een algemeen voorkomende symptoom, meestal niet bij een blaasontsteking, maar wel vaak bij een bacteriële nierbekkenontsteking, nierkanker veroorzaakt soms ook koorts
  • Vaak plassen, maar in geringere hoeveelheid, wijst meestal op een blaasontsteking, blaasgruis, blaassteen of tumor
  • Grote hoeveelheden plassen, wijst meestal op een nierziekte of suikerziekte
  • Rode urine kan wijzen op bloed of kleurstoffen in het voedsel
  • Bruine, zwarte, blauwe, groene urine kan wijzen op gebruik van medicijnen
  • Bruine urine kan ook wijzen op afgebroken hemoglobine (het eiwit dat zuurstof in het bloed transporteert) of eiwitten
  • Troebele urine kan wijzen op aanwezigheid van pus door een urineweginfectie of kristallen (gruis)
  • Pijn in de rug of lendenen met eventueel uitstralen naar het midden van de buik, wijst meestal op een nierziekte
  • Zeer heftige pijn wordt meestal veroorzaakt door een niersteen, kan echter ook door een zware ontsteking komen
  • Hoge koorts, shock en ernstige pijn, kan resulteren in acuut nierfalen


Urineonderzoek

Een dierenarts kan urine routinematig onderzoeken middels een dipstick en microscopisch onderzoek. Een dipstick is een plastic staafje dat in de urine wordt gedoopt. Door verkleuringen op het staafje kan het gehalte van eiwitten, glucose, stoffen verwijzende naar vet afbraak en nitriet in de urine worden bepaald.

  • De aanwezigheid van eiwitten kan duiden op een nierziekte
  • De aanwezigheid van glucose kan meestal duiden op suikerziekte (Diabetes mellitus), als glucose in de urine aanwezig blijft nadat suikerziekte is uitgesloten, dan wijst het meestal op een nierafwijking
  • De aanwezigheid van stoffen van te veel vet afbraak (ketonen) wijst meestal op verhongering of niet goed instelde suikerziekte
  • De aanwezigheid van nitriet wijst meestal op de aanwezigheid van een bacteriële infectie
  • Microscopisch onderzoek wordt gebruikt om het aantal rode en witte bloedcellen te bepalen en de aanwezigheid van kristallen (gruis)


Bloedonderzoek

Met een bloedonderzoek wordt meestal de nierfunctie beoordeeld. Het vermogen van de nieren de overbodige en ongewenste stoffen uit het bloed te verwijderen wordt uitgedrukt in het creatine en ureum getal. Creatine wordt in de spieren gevormd en als afvalproduct in de bloed opgenomen. Ureum is een eiwitafvalproduct en wordt ook opgenomen door het bloed. Goed functioneren nieren filteren het creatine en ureum uit het bloed. Een te hoog creatine en ureum getal geeft aan dat de filterwerking van de nieren niet goed meer functioneert.

Men moet wel voorzichtig zijn met een normaal creatine en ureum getal. De nieren hebben namelijk een aanzienlijke ‘overcapaciteit’. Het blijkt in de praktijk dat de nieren al aanzienlijk aangetast zijn, voordat een te hoog creatine en ureum getal wordt gemeten. Het blijkt dat wanneer het creatine en ureum getal verhoogd is, dan nog maar de helft -of zelfs nog minder- van de nierfunctie aanwezig is. Overige invloedfactoren op deze bloedtest zijn leeftijd, gewicht en geslacht van het dier.

 

Bron: Huisdierendokter
http://www.huisdierendokter.nl


 

                                                                                          << index-pagina >>

                                                                                     © van het Labber Kampje Cavaliers