|
Bat ear |
Engels woord voor vleermuisoor. |
|
Burr |
zichtbare binnenkant rozenoor Bulldog |
|
Butterfly nose |
Engels voor vlinderneus. |
|
Convex |
ander woord voor ramsneus. |
|
Dishfaced |
Engels voor holle neusrug/wipneus. |
|
Downfaced |
bolle neusrug. |
|
Dropeared |
oren die vlak langs het gezicht hangen. |
|
Dudley nose |
vleeskleurige neus. |
|
Ectropion |
naar buiten hangende oogleden. |
|
Entropion |
naar binnen krullen van
oogleden. |
|
Evenwicht: |
Het vermogen om in balans te blijven, twee typen
evenwichtsorganen, liggen beiden in het middenoor |
|
Glasoog |
blauw oog met lichte iris |
|
Hangend oor |
hangt recht langs het hoofd |
|
Haw |
(gewenste) ectropion. |
|
Knopoor |
hoog aangezet 3-hoekig oor dat naar voren valt. Bijv. Terriers. |
|
Kurkertrekkeroor |
gedraaid hangend oor. |
|
Lay-back |
teruggeslagen neus bijv. Pekingees. |
|
Loboor |
oor dat aan de basis smal begint en aan het einde breed. Bijv.
Cockers. |
|
Neus hebben |
beschikken over goede neus. |
|
Neusspiegel |
het zwarte mopje. |
|
Oorbellen |
zwarte haarpunten aan de oren. Bijv. Kooikerhond. |
|
Papillen: |
zintuigen die om de tong voorkomen ten behoeve van (in water
oplosbare) smaak. |
|
Papillen (draadvormige) |
tastzintuigen, deze papillen liggen op de punt en achter op de
tong en voorkomen dat voedsel terugglijdt. |
|
Papillen (paddestoelvormig) |
hebben smaakknopjes en zitten over de hele tong. |
|
Papillen (omwalde) |
bezitten smaakknopjes, liggen achterop de tong, meestal zijn
dit er vier. |
|
Papillae (foliatae) |
liggen achterin langs de tongrand. |
|
Pijngrens |
de uiterste grens die bij pijn verdragen kan worden |
|
Porseleinoog |
glasoog. |
|
Potoog |
rond uitpuilend oog. Bijv. Mopshond. |
|
Prikoor |
rechtop staand oor |
|
Ramsneus |
gewelfde neusrug |
|
Roofvogeloog |
gele iris/ felle expressie. |
|
Rozenoor |
naar achteren gevouwen oor. |
|
Smaak: |
smaakzintuigcellen, liggen gegroepeerd in de smaakknopjes van de
papillen. |
|
Snipy |
puntige neus met te weinig lip, gaat samen met te weinig vulling
onder de ogen. |
|
Snowy nose |
een neus die 's winters, bij gebrek aan zonlicht, lichter van
kleur wordt |
|
Tast |
een voelbaar drukverschil. |
|
Tipoor |
staand oor met omvallend puntje. |
|
Tulpoor |
breed staand oor met ronde top. |
|
Vleermuisoor |
andere benaming voor tulpoor |
|
Wisselneus |
neus die van kleur verwisseld, vaak onder invloed van hormonen. |