De Geschiedenis van de Cavalier King Charles Spaniel

De Cavalier King Charles Spaniel is biologisch gezien zeer nauw verwant met de King Charles Spaniel. Honden van het spanielachtige type bestaan in Europa al sinds de Oudheid waarbij
in oude geschriften word verwezen naar “spanielachtige" honden die in Engeland werden in-
gevoerd vanuit Spanje en via oude handelswegen vanuit Oost Azië  in Europa terecht zouden zijn gekomen. E
en van de eerste afbeeldingen van een kleine spaniel achtige hond is te zien op een religious portret van een groep dieren  in “The Vision of St Eustance” geschilderd door Antonia Pisano, (Pisanello) in 1440.

De cavalier zoals wij die nu kennen is een afstammeling van de kleine "Toy Spaniels", die op vele schilderijen en prenten uit de l6e, 17e en 18e eeuw van o.a. Titian, Van Dyck, Lely, Stubbs, Gainsborough, Reynolds, and Romney staan afgebeeld.

Deze "Toy Spaniels" waren in Frankrijk tijdens de regeringsperiode van Hendrik III en van Ludwig XIV zeer geliefd en bij het Engelse koningshuis Tudor erg populair bij de dames aan het hof. Toen de Stuarts aan de macht kwamen kregen ze zelfs de koninklijke titel 
"King Charles Spaniel".

De geschiedenis vertelt ons dat Henrietta van Orleans, zuster van Charles II,  door Mignard in 1665 afgebeeld is met een Blenheim Spaniel op schoot. Zij is het waarschijnlijk geweest die Charles II liet kennismaken met deze kleine hondjes. De beide Engelse koningen Charles 1 (1600-1649) en Charles II (1630-1685) werden  dan ook altijd omringd door een paar exemplaren van hun lievelingsras. De liefde voor de hondjes ging zelfs zover dat de hondjes toegang hadden tot het Parlement en niet mochten ontbreken bij officiële  ontvangsten tijdens Staatsbezoeken. ………  John Evelyn, dagboekschrijver van Karel II, schreef: 'Hij genoot er van als een aantal kleine Spaniels met hem meeliep en in zijn slaapkamer ging liggen.'  Later werd het koningsschap van de Stuarts overgenomen door het Hollandse Hof

 en onder Willem III, die samen met Marie de scepter zwaaide, daalde de populariteit van de "Toy Spaniels"
aanzienlijk omdat zij de mopshond adoreerden….. zo kwam dus de Mopshond in de  mode.  Lange tijd hebben de langneuzige (Cavalier) en de kortneuzige (King Charles Spaniel) rassen aan het Engelse Hof nog naast elkaar geleefd doch toen het Engelse Hof de Oosterse rassen in hun hart sloot raakte de oude langneuzige Cavalier King Charles Spaniel lange tijd uit de gratie met als gevolg dat er aan het einde van de 18e eeuw alleen nog maar de huidige kortneuzige King Charles Spaniel leefde.

In die tijd bestond er een speciale stam rood-witte "Toy Spaniels", die op Blenheim Palace werden gefokt door de Hertogen van Marlborough.

Ze waren zeer geliefd als jachthond en als gezelschap voor de dames. Vroeger waren er nog geen honden tentoonstelling-en en werd er nog niet volgens bepaalde rasstandaarden gefokt. Dit had weer tot gevolg, dat binnen één ras een groot verschil in type en formaat bestond. Echter, tijdens de regering van koningin Victoria begon men hondenshows te organiseren en het hondenfokken werd wat serieuzer aangepakt; Fokkers probeerden een bepaald "standaardtype" te verkrijgen.

Bij de King Charles Spaniel streefde men, onder invloed van de heersende mode, naar een korte snuit, hooggewelfde schedel en laag aangezette oren. Dit type werd rond 1850 door selectief fokken en in-
kruisen van andere rassen ook bereikt.


Dit
voor velen veel minder bekende ras is momenteel nog steeds onder de naam
“KING CHARLES SPANIEL” bekend.

Toen Mr. Roswell Eldridge, een Amerikaanse liefhebber van de ouderwetse
"Toy Spaniel", Engeland bezocht, was hij onaangenaam verrast omdat hij geen langsnuitige exemplaren in "levende lijve" kon vinden. Prompt probeerde hij hier wat aan te doen door op de Crufts Tentoonstelling in Londen een beloning van £ 25 (in die tijd 'n klein kapitaal) uit te loven voor de beste reu en teef, die overeenkwamen met de exemplaren uit de tijd van Charles II.

In de Crufts catalogus stonden de volgende voorwaarden: "de eerste prijs zijnde £ 25 in de klassen 947 en 948 voor spaniels van het oude type, zoals ze te zien zijn op de schilderijen uit de regeringsperiode van koning Charles II, lange snuit, geen stop, vlakke schedel zonder neiging tot bolvorming en met spot in het midden der schedel”.
Al eerder, in 1924, had de Chow Chow fokkester, Mrs Hewitt Pitt een blenheim King Charles Spaniel teef gekocht als kadootje voor haar moeder. Toen ze met de teef, die Waif Julia heette,  naar Miss Brunne van de Hentzau King Charles Spaniel ging om haar te laten dekken, kreeg zij te horen dat de teef ingeschreven zou kunnen worden in
de klas waarvoor Roswell Eldridge zijn geldprijs had uitgeloofd. Waif Julia werd in deze klas ingeschreven en won in 1927 de klas en de geldprijs.
Deze beloning werd vijf jaar lang ter beschikking gesteld. Zo werden in 1926 de winnaars Mrs Treleaven's Ferdie of Monham en Mrs Raymond-Mallock's Flora. In 1927 waren er 3 inschrijvingen in elke klasse en
Mrs Hewitt Pitt won daar dus de  1ste prijs in de Teven klasse met…..
Waif Julia !! In 1928 was de winnaar Miss K Mostyn-Walker's Ann's Son, en Mrs Pitt won de Teven Klasse opnieuw....

De KING CHARLES fokkers namen dit niet erg serieus. Ze waren jarenlang bezig geweest om die lange
snuiten weg te krijgen en waren daarom niet erg enthousiast. Toen er na vijf jaar geen prijzen meer
werden uitgeloofd was er nog slechts een enkeling bereid om het experiment voort te zetten.
Onder leiding van Mrs. Pitt (Ttiweh Kennel) ging dit kleine groepje verder.

Na vijf jaar was er nog steeds weinig bereikt. De Kennelclub vond dat het ras
nog niet voor erkenning in aanmerking kon komen, omdat er nog teveel verschil
in type was en de aantallen erg klein waren. Helaas overleed rond deze tijd Mr. Eldridge. Jammer genoeg hij niet meer mogen meemaken wat zijn vriendelijke gebaar voor resultaat heeft gehad. Wel werd er een club opgericht waarvoor men de naam Cavalier King Charles Spaniel gebruikte. Men vond het belangrijk om King Charles Spaniel in de naam te hebben, omdat er bij dit ras regelmatig terugslag in langsnuitige richting optrad. De pioniers werden er vaak van beschuldigd, dat ze

kruisingen met andere rassen toepasten om de langere snuit te verkrijgen. Deze beschuldigingen waren niet terecht en kruising met andere rassen werd zeker niet door de club aanbevolen.


Tiweh Kennel
 

 De meeste fokkers probeerden het originele type terug te fokken door King Charles Spaniels met te lange snuiten te gebruiken.

In 1928 werd er tijdens de Crufts Dog Show de Cavalier King Charles Spaniel Club opgericht. Voorzitter werd Miss Mostyn Walker en Mrs Hewitt Pitt werd secretaries. De start van de Engelse club verliep zeer moeizaam, maar doordat bekende fokkers behulpzaam waren en advies verleenden kwam het toch langzaam op gang. Op de eerste bijeenkomst, Crufts Show 1928, werd de eerste standaard van het ras opgesteld. Als levend voorbeeld diende Mrs. Walker Ann’s Son, een blenheim reu die in 1928, 1929 en 1930 de eerste prijs won voor beste reu op Crufts in de klassen waarvoor Roswell Eldridge

geldprijzen had uitgeloofd. In 1936 kwam hij, op negen jarige leeftijd terug in de ring en werd weer het beste van het ras… Bovendien hadden de leden alle reproducties met "Toy Spaniels" uit de 16e tot 18e eeuw die men had kunnen vinden,

verzameld om als voorbeeld te dienen voor de standaard. Er werden punten toegekend voor de diverse kenmerken, in totaal 100. Veel aandacht werd gegeven aan het hoofd en niet minder dan 55 punten werden toegekend aan de verschillende onderdelen van het hoofd, ogen, oren, schedel etc. hoewel onder Algemeen Voorkomen werd bepaald dat de honden 'levendig, sportief en zonder angst' moesten zijn. Gelijktijdig sprak men af, dat het ras zoveel mogelijk beschermd moest worden tegen mode-invloeden en “trimmen” werd dan ook verboden.  

De kleine groep enthousiastelingen onder leiding van Mrs Hewitt Pitt (Ttiweh Kennel*) ging onverstoorbaar verder om de oorsproonkelijke Spaniels met de langere voorsnuit terug te fokken. Ze had ruime ervaring in de hondenfokkerij: haar vader had meegewerkt aan het opzetten van de Basset Hound fokkerij in Engeland rond 1880.

Na vijf jaar was er nog weinig bereikt. De kennelclub vond dat het ras nog niet voor erkenning in aanmerking kon komen, omdat er nog teveel verschil in type was en de aantallen erg klein waren. Maar ze gaven niet op, hield stug vol en trotseerde alle stormen. Pas in 1945 werd het ras door de Engelse Kennelclub erkend en het jaar daarop werden reeds de eerste kampioenschapsprijzen gewonnen. In 1948 kreeg het ras zijn eerste kampioen, nl. de legendarische Daywell Roger, vader van 11 Engelse kampioenen.

Eén van die elf is Harmony of Ttiweh*, een blenheim reu, die in 1954 door mevrouw van den Boom (zij is beschermvrouwe van de Cavalier Club Nederland) uit Engeland werd geïmporteerd. Hij was de eerste Cavalier, die op het Europese continent werd geshowd.

* Ttiweh : kennelnaam van Mrs Hewitt Pitt die in in 1978 de Golden Jubilee Show van de Cavalier King Charels Spaniels Club bezocht waar zij het resultaat van haar noeste arbeid terugzag in het grote aantal ingeschreven Cavaliers op die dag. Ze overleed in december van hetzelfde jaar. Tegenwoordig vinden wij haar kennelnaam terug in stambomen van alle tegenwoordige Cavaliers over de hele wereld.

 

Ontwikkeling van het ras
 
De meeste fokkers probeerden het originele type terug te fokken door
King Charles Spaniels met te lange snuiten te gebruiken. Hoewel de Club
zeker geen kruisingen aanbevolen, gebruikte pioniers kruisingen met andere
rassen om de langere snuit te verkrijgen. Er werd geexperimenteerd met
kruisingen tussen Cavaliers en Vlinderhondjes om zo de gewenste langere
voorsnuit te krijgen en het is een feit dat er in de stambomen van sommige
van onze hedendaagse honden nog kruisingen met Cocke Spaniels zijn terug
te vinden.                                                                                           

De genenpool was nogal beperkt en een klein aantal honden komt meerdere malen voor in de stambomen van de eerste Cavaliers, met name Ann's Son.

In de eerste jaren waren er geen klassen voor Cavaliers op de tentoonstellingen in Engeland en ze moes-
ten worden ingeschreven in klassen die open stonden voor honden van rassen waar nog geen normale
klassen voor bestonden en er waren nog geen kampioenschappen te winnen, waardoor de meeste serieuze
fokkers nauwelijks aandacht hadden voor dit onbekende ras.

De kleine groep enthousiastelingen hield stug vol en in 1945 werd het ras door de Engelse
Kennelclub erkend en het jaar daarop werden reeds de eerste kampioenschapschapsclubmatch gehouden in de School of Drama, Alverston, Stratford-on-Avon. Beste van het ras werd Daywell Roger en hij werd de eerste Cavalier kampioen. Ook als dekreu was hij zeer succesvol, elf van zijn kinderen werden kampioen en hun kinderen hadden weer grote invloed op
het ras.

In deze tijd werd de rasstandaard herzien en het oorspronkelijke puntensysteem, waarbij zoveel nadruk was gelegd op het hoofd, verdween. In de nieuwe standaard kwam onder Algemeen Voorkomen te staan dat de honden 'levendig, sierlijk en harmonisch gebouwd moeten zijn, absoluut zonder angst en sportief van karakter, heel vrolijk en zonder trimmen of kunstmatig kleuren'.

Eerste nestje Cavaliertjes in Nederland

Op 18 november 1954 werd het eerste nestje Cavalier King Charles Spaniel te Eefde in Nederland geboren. De moeder van het nestje was Tiweh Sorrel of Dendy en de vader was Ch. Daywell Roger. Uit dit nest werden 5 puppen geboren, allemaal blenheim. De namen die deze puppen meekregen waren : Fanfare for Charles, Fanfare for Josephine, Fanfare for Mia, Fanfare for Minette en Fanfare for Elisabeth. Overigens, het tweede nest werd geboren in 1955.
Mevrouw van den Boom, Gravin van Rechteren Limpburg Speckveld, heeft sindsdien het ras verder in Nederland (zij showde haar eerste cavaliertje in 1954 op de Ahoy Tentoonstelling te Rotterdam) en Europa gepropagandeerd.

 

Mevrouw van den Boom,  Gravin van Rechteren Limpburg Speckveld.

Na verloop van tijd gingen steeds meer liefhebbers het rasshowen en fokken. De aantallen bleven echter zeer beperkt ten opzichte van andere in Nederland voorkomende rassen. Echter, mede door zijn vrij en vrolijk karakter en zijn handige maat raakten steeds meer mensen in de ban van de Cavalier. Op dit moment hebben een groot aantal gezinnen in Nederland een of meerdere Cavaliertjes.

Kort samengevat is de Cavalier King Charles Spaniel een vrolijke sportieve hond, die zich over het algemeen gemakkelijk aanpast en die door zijn handige formaat (± 33 cm. hoog) overal mee naar toe te nemen is. De doorsnee Cavalier is een gezonde hond en velen halen dan ook de leeftijd van 12 jaar of ouder. Aangezien de cavalier langharig is, heeft hij regelmatig een kam- en borstelbeurt nodig. Bij aankoop van een cavalier krijgt U er een prettige huisgenoot bij die, mits hij de verzorging krijgt die hem toekomt, na korte tijd niet meer uit het leven van U en Uw gezin weg te denken.


Wist U dat :
-  De Cavalier King Charles Spaniel de nummer 1 gezelsschapshond is in England ?
-  De eerste Cavalier King Charles Spaniels in 1952 naar Amerika werden verstuurd als een
   kado voor Lady Forwood ?

-  Het ware doel van dit ras altijd geweest is, dat van een gezelschapshond..  
-  Het verhaal doet de ronde dat Queen May van Schotland zo verknocht was aan haar
   Cavaliertjes dat zij ze zelfs verstopt had onder haar rokken tijdens haar onthoofding…..
-  De zgn. beautyspot bij de blenheim ons terug voert naar een hele oude sage waarin wordt
   verhaald over Sarah, Hertogin van Marlborough. Dat verhaal verteld ons dat ze erg ongerust    
   was over haar man, die betrokken was bij de slag om “Blenheim”,  dat ze haar duim   
   herhaaldelijk drukte op het hoofdje van haar spanieltje wat op het punt stond om een
   nestje te krijgen. Later bleken al deze pups uit dat nestje een “spot”  te hebben verkregen…..


 

                                                                      << INDEX-PAGINA >>
                                                                
© van het Labber Kampje Cavaliers