|
Bob en Bas.
Twee hondjes in een hondenmand,
sliepen ieder aan een kant.
De een heette Bas en de ander dat was Bob,
allebei een leuke kop.
Ze lagen zij aan zij
en droomden allebei.
De een droomde van een kat,
die hij achterna zat.
De ander droomde van geluk
en beet in een lekkere biefstuk.
De een rende in zijn slaap,
greep de kat.., wat een knaap!
De ander had het water in zijn mond
en at zich helemaal rond.
Bas schrok wakker en sprong op Bob,
ik heb je kat..., ik vreet je op.
Bob schrok zich een hoedje
en gaf Bas een voetje.
Beet hem in zijn kont
en Bas rolde jankend op de grond.
Oh... sorry, je bent Bas!
Ik dacht dat je een biefstuk was.
Grom, grrrr, waf waf waf,
wat een herrie, dat geblaf.
Ze renden achter elkaar aan,
de kamer leek wel een racebaan.
Bas hijgde als een postpaard.
Bob zwaaide met zijn staart.
Ze speelden en werden moe,
gingen uitgeteld naar hun mand toe.
Twee hondjes in een hondenmand
verdwenen weer in dromenland.
|
|
Twee kleine hondjes

Twee kleine hondjes,
zitten braaf te spelen.
Ze springen over hekjes heen,
ze hoeven zich niet te
vervelen!
De één rent de weide in,
de ander sprint erachter aan.
Ze luieren op de de treinrails,
maar blijf daar toch niet staan
!!
Daar heb je het,
de trein komt eraan.
Dus denk erom, hondjes,
nooit meer op de treinrails
staan !
|
|
LoL

Och, och, och
De hond is uit zijn hok
De boer is erg geschrokken
Nu zit hij met de brokken
De
deur stond op een kier
Waar is dat domme dier
Boer Piet rent naar de
klaverwei
Hij ziet hem en is heel erg
blij
 
De hond kijkt naar de maan
En blijft ondertussen stokstijf
staan
De sterren twinkelen en stralen
De boer wil het hondje
binnenhalen
Hij
weet niet wat hij hoort en ziet
De hond roept: kijk baas, een
sateliet
Via dat ding kun je op internet
En dat gaat sneller dan een jet
 
De hond maakt een sprong van plezier
en blaft: ik blijf vannacht
hier
Wat moet zo'n coole moderne
hond
In zo'n eenzaam hondenhok
De
boer, die niets van computers wist
verzon meteen een slimme list
Hij heeft direct zo'n ding
gekocht
en elke avond de hond bezocht
Met
een glas bier en rode wijn
Zitten ze dagen, nachten online
Ze chatten over de wereldbol
En hebben samen de grootste lol
|
|
Cavaliertjes Gat

Er
zat een cavaliertje op een trapje.
Toen viel hij op zijn gatje.
Toen huilde hij met tranen en tuiten,
en brak bijna de ruiten.
Toen kwam er een goede fee,
die gaf hem een kopje thee.
Toen was alles weer goed,
en kwam er een grote lach op zijn snoet.
|
|
De sigaar..

Daar
was eens een hondje,
dat liep eens over straat.
en had er in zijn mondje,
een stukje van 'n sigaar.

Maar plots kwam daar de
diender,
Die pakte 't hondje beet
en sprak met barse stem,
vertel eens hoe jij heet.

Want weet je wel m'n hondje,
dat hondjes zoals jij,
op straat niet mogen roken,
jij bent er gloeiend bij.

Het hondje begon te lachen,
ik mag het van mijn pa,
want zie je wel agentje,
hij is van chocola, haha.
|
|
Een knuffel..

Hij
houdt veel van zijn honden,
dat zie je toch meteen.
zoals hij met hen knuffelt,
dat doet hij met geen een.
Voor hem zijn het zijn kinderen,
hij houdt van allebei.
Hij is met zijn twee beessies,
werkelijk reuze blij.
Je
zou eens moeten weten,
wat er in hem leeft.
als zijn eigen beessie,
hem een koppie geeft!
|
|
Hoeperdepoep
Hoeperdepoep, niet op
de stoep
al heb je nog zo'n hoge nood
’t geeft overlast en vieze troep
hoeperdepoep hem maar netjes in de goot
’t Vrouwtje, bepakt en
bezakt
om ‘t gootje weer te legen
neergelegd, netjes opgepakt
zal straatjes heus wel schoonvegen
Hoeperdepoep, wel
in het gras
in brandnetels en ander groen
en daar overheen nog een plas
hoeperdepoep, met goed fatsoen
|


 |
De
hondendrollenvanger
Mijn lieve kleine
viervoeter.
Jij langharig beest.
Het is vijf uur,
En je bent nog niet uit geweest…
Je snuffelt rond met je snuit,
Zoekt een heel mooi plekje uit…

De pootjes gaan langzaam uit elkaar.
Soepel naar beneden met die kont.
Ff persen en ziedaar…
Mijn trouwe viervoeter is weer klaar…
Je kijkt me aan,
En naar de grond,
Met een “big” smile op je mond…
Ja hoor, inderdaad…
Het baasje loopt met twee zakjes rond…
Mijn hand gaat in het zakje.
En verdwijnt om jouw warme prakje.
Waar is dat vuilnisbakje?
Je sluipt langs me heen, met een boog.
Snuffelt verder met je snuit.
Zet je staart elegant omhoog.
Zwieren en zwaaien met die kont
Inderdaad jouw baasje, hij ruimt jouw stront!
|
|
In jouw ogen....

|
In jouw ogen zie ik
Zie ik dat je wat mist …
Je
kijkt soms zo treurig
En bent af en toe wat humeurig.
Misschien mis je je maatje
Die nu overleden is …
Je zit nu alleen
En hebt niemand om je heen …
Ik zorg goed voor je
Zo goed ik kan …
Het leven is te mooi
Te mooi, om er mee
te stoppen
Dus geniet er van !!
Ik kan niet zonder je
Asjeblieft, blijf nog heel lang bij mij …
Dan zorg ik goed voor je
En zijn, ja, zijn we allebei blij !! |
|
Je hond.
Je
hond..
hij is zo trouw..
waren alle mensen maar zo trouw...
een hond komt altijd terug bij zijn baas...
van mensen moet je dat maar hopen.
daar kunnen wij heel wat van leren
een hond...
een hond lijkt niet op een mens
een
hond leeft in zijn eigen wereldje,
aan dat wereldje doet wel zijn baasje mee.
een hond hij lijkt niet zo veel te doen maar,
toch doet hij zoo veel...
een hond hij luistert naar je en
verteld je geheimen niet door.
een
hond, is er altijd voor jou..
|



|
|
Modder

Hondje, hondje, daar in de modder,
hier ligt een spatje, daar weer
een klodder.
Vuil zijn je pootjes en zwart is je snoet,
Zeg hondjelief, vindt je mama
dat wel wel goed ?
|
|
Kunstjeshond
 |
Weet je,
mijn hond die kan een kunstje
en dat lukt hem telkens weer
terwijl ik toch iedere keer bij mijzelf zeg
dat flikt ie mij niet meer...
Als ik dan zit te eten
dan komt ie weer bij mij staan
hij beweegt zich dan geheel niet
maar dan kijkt ie mij dan slechts aan…
Ik houd hem dan soms een happie voor
wat ie snel bij mij wegplukt
waarop je hem ziet denken
ha, de truc is weer gelukt…
|
|
|
Waterpokken..
  
Honderdduizend
rode pukkels
op zijn pootjes en zijn buik
't hondenclowntje ligt te
rillen
in zijn mandje met een kruik.
Dag
klein hondje, zegt de dokter
zeg wat hoor ik - ben je ziek?
hoe moet dat straks nou in het
circus?
zonder clowntje - géén publiek
Laat me maar eens even kijken
maak je buik maar even bloot
ja ik zie het: waterpokken
en nog wel zo vreselijk groot!
Ik
heb voor jou een lekker drankje
neem het voor het slapengaan
dan kun je -als je wat geluk
hebt-
snel weer in het circus staan !
  
|
|
Mijn hondje, mijn deugniet
Mijn hondje loopt
door het huis
Echt, ze hoort net zo goed als een muis
Soms toont ze weleens haar macht
Een deugniet die op alles blaft
Zij is wat het
leven zo mooi maakt
Datgene wat mijn hartje toch zo raakt
Het is mijn lievelingshondje
Vaak spelen we wel eens een onderonsje
De buren lachen en vinden me zot
Dan kijk ik pal in hun ogen, ze schamen zich rot
Als je tegen hun praat doen ze toch zo raar
Ja, leven met moeilijke buren, valt soms zwaar
Als mijn hondje naar de hondenschool gaat
Maakt ze me wel een beetje kwaad
Ze weigert soms te springen over een plank
Dan blaft ze met een “ ik wil niet ” klank
Mijn hondje is slim en zeker niet dom
Toch loopt ze wel eens een verfpot om
Ik vergeef het haar want ze is een deel van mijn leven
Zelfs een pootje wil ze me graag geven
|
|
~
Those we love, don't go away
they walk beside
us, every day
unseen, unheard, but always there,
still missed, still loved, still very dear !!
~
|
Geluk..

Je kunt geluk niet grijpen met je hand,
niet zetten in een lijstje, niet binden in een band.
Je
kunt het zelf niet maken, van hout, van steen of zand,
niet breien of niet haken, niet knippen uit een krant.
Je
maakt het niet van aarde, ook niet van gras of hooi,
en omdat je het niet maken kan, daarom is Geluk zo mooi !
|
|
IJsje delen…
Er
was eens een hondje,
zo lief en zo klein.
Dat zocht zich een vrindje,
om blij mee te zijn.
Ze delen hun ijsje
en zingen een wijsje,
Dat vriendje dat is
onze peuter gewis. |

|
|
SINTERKLAAS
Tjâ’, zei het oude
manneke zondag tegen me,
‘en hoe zit dat nou eigenlûk met de beesies
met de feestdag’n?’.
‘Tja ker’l, dâ wit
ik ook zo net niet.
Maar k’heb dûr wel zo mijn gedachten over’
Vaak heb ik zitten dromen
Hoe de mensenfeestjes bij de beesten overkomen
Zo’n grote man met
grijze baard
Een paar Pieten, eigenlijk Trees en Aard
Die baardmans loopt fier in het rond
Al over de honderd en nog meer, nog heel gezond
De rest is jong en onvervaard
Doen de gekste dingen, da’s nog nooit geëvenaard
Als hond en kat hebben we het maar goed
Want wat die Ouwe Man ook doet
Altijd is er voor ons iets bij
Peprnoot, koek of een stuk rijstebrij
Het ligt gewoon overal op de grond
En wij lopen vrolijk rond
Stukken pakpapier nog op ons kop
Lachen we ons lekker rot
Niemand roept dat het niet mag
Allemaal denken ze aan zichzelf met een brede lach
Dus als de Ouwe en zijn Pieten weer vertrekken
Liggen wij nog heerlijk na te lekkerbekken
Al dromend van het volgend jaar
Hopelijk doen ze dan weer net zo raar!’
|
 |
|
|
Smoorverliefd..
Twee
smoorverliefde hondjes,
liepen samen in 't plantsoen.
Ze draaiden met hun kontjes
en besloten iets te doen...
|
|
Juffrouw, wil je je hondje verbieden?

Juffrouw, wil je je hondje verbieden,
hij komt 's avonds aan m'n
deur.
Tingelingeling klop, klop klop.
Juffrouw, zeg hem dat hij stopt
!
~
'n mams versje ~
|
|
Mijn hondje is trouw

Mijn hond is heel erg trouw
maar soms bijt hij heldhaftig in je mouw
zeg, dat is niet fijn
vandaar deze Rijm…
Hij springt en hij doet
ik zit altijd onder het roet
dan zit ie' weer in het water
tussen de eenden met al dat gesnater…
Hij springt zomaar tegen me op
snel gooi ik met een prop
om hem weg te krijgen
maar ik zou nooit dreigen....
Om
hem weg te doen !!
|
|
Zuinigheid…..
 |
Tijdens een buitenlands bezoek aan een attractiepark kwam ik
samen met het oude manneke – die zijn cavaliertje had meegenomen
omdat zijn vrouw er niet op wilde passen – in een
hondenopvang-centrum terecht. Een keurig geheel waar we zijn cavaliertje gerust een dagje konden achterlaten. We wilden ‘op
stap’ en daar konden we de kleine viervoeter eigenlijk niet bij
gebruiken. |
Maar het oude manneke, nogal ‘zunig van aard’, wilde eerst op de hoogte
worden gebracht van de prijzen.
Dus alle moed bijeen geraapt om te vragen aan 'den madam’ wat dat
allemaal wel niet ging kosten - de inrichting in aanmerking genomen zou
dit wel een borreltje of 3 schelen op een avond – de mán wel te
verstaan…..
Voordat we daaraan toekwamen waren er nog een paar buitenlandse gasten
voor ons die hun huisdier afleverden of ophaalden en met steeds meer
toegespitste oortjes hoorde het oude manneke wat ze zoal te vertellen
hadden.
Op de vraag of ze direkt af wilden rekenen zei een
vriendelijke Engelsman: ‘No, no write it on my bill!’ ….
Het oude manneke liep met gefronste wenkbrauwen wat naar voren en met
nog meer aandacht voor het volgende slachtoffer - een leuke Francaise -
hoorde hij haar zeggen:
‘Oui, oui ecrivez sur ma compte (uitspreken als 'kont')!’
Dus vol goede moed zei het oude manneke toen ie aan de beurt was en
zijn cavaliertje wilde overhandigen op zijn mooiste plat Amsterdams:
‘Nee, nee, schrijf het voor mijn maor op je buik…’
 |
Tja, die 3 borrels hebben we – weliswaar de man - uitgespaard,
maar het arme dier vond het niet lekker buiten wandelend van
gelagkamer naar gelagkamer door de vrieskou en wachtend met een
van ons voor de deur…
|
|
|
Een hondje
  
Er was eens een
hondje,
dat voelde zich niet goed.
De dokter keek in zijn mondje
en zag een heel klein wondje,
och, hemeltje, het bloed!
En weet je wat er nu was met het hondje
en dat hele kleine wondje.
Het had zich gebeten bij het brokjes eten,
want dat kon hij nog niet zo goed !
|
|
Honden en
schoonmoeders..
Bij een begrafenis loopt
achter
de lijkwagen
een man met een hond.
 
Daarachter lopen nog 500
mannen.
Vraagt een toeschouwer aan man met de hond:
"Wie wordt hier begraven?"
"Mijn schoonmoeder" zegt de man.
"En wat doet die hond er dan bij?"
"Die heeft haar doodgebeten."
"Och", zegt de toeschouwer, "mag ik hem lenen?"
Zegt de man: "Achteraan aansluiten!"
|
|
Nou ja
zeg, een beetje vuurwerk…
Plots vuurwerk: het
was feest aan de waterpier
feestweek werd zo afgesloten
zat ik hier met een trillende cav’lier
oh oh, te beven op zijn poten
Doodsbang voor wat
geknal van een lont
wist niet waar hij het moest zoeken
trillend ging mijn cav’lier in het rond
zocht veiligheid in alle hoeken
De hardste klapper en
‘n reuzeknal
altijd voor het laatst bewaren
ja natuurlijk, dat was hier ook het geval
hij kwam langzaam tot bedaren
Nog natrillend in mijn
armen
kwam mijn makkertje weer tot rust
wou ons die nacht wel verwarmen
tussen ons in worden gesust
Hij lag er veilig tussenin
buitenkans waarop hij lang had gewacht
zo kreeg die bangerd toch zijn zin
er was geen vuurwerk meer die nacht !
|



|
|
Tranen voor jou, kleine jonge vriend
| |
 |
kleine,
jonge vriend, vergeet mij niet
ik laat tranen voor jou
je hebt een plaatsje in mij hart
want jij was zo apart
vergeet me niet mijn kleine vriend
ik hield van jou
jij ook van mij ?
ik voelde een band met jou |
|
tranen stromen voor jou mijn kleintje
mijn hart schreind
mijn handen beven want jouw tijd was nog niet daar
je mag rusten zonder pijn
ow mijn lieve kleine vriend,
wat was mijn vriendschap met jou fijn…..
|
|
|
|
Het hondje van de bakker.


|
Het
hondje van de bakker
Het hondje van de bakker
had vies gedaan
had vies gedaan
het was gaan zwemmen
het was gaan zwemmen
zonder zwembroekje aan
zonder zwembroekje aan
en van je hela hela hela
holala,
hela hela hela ho!
een agentje kwam eens kijken
een agentje kwam eens kijken
hij zei: jij vieze hond
hij zei: jij vieze hond
jij mag niet zwemmen
jij mag niet zwemmen
in je vieze blote kont
in je vieze blote kont
en van je hela hela hela
holala,
hela hela hela ho!
|
|
Wij

Zoekend tast mijn hand
naar jou zachte vacht
jou natte neus
jou oortjes zo lief een klein.
Een natte tong op mijn wang
jou kleine staart kwispelt blij
snuffelend door mijn gezicht
een kleine levens licht.
Ik voel jou natte neus
jou lange tong
jou oogjes kijken mij aan
mijn hart staat even stil.
|

alles gaat door
ook het leven
maar waar is de tijd
van onbevangenheid gebleven
vaak is er zo veel verdriet
een heleboel kan al wél
maar ook zoveel kan nog niét
o, wat denk ik graag
aan liggen in het gras
toen alles nog zo heerlijk
en vol beloften was…
|
|
Twee oogjes..

Twee oogjes kijken je aan,
twee oogjes om even bij stil te
staan.
Een nieuw leven, een nieuw
begin,
een uitbreiding van jullie
hondengezin.
Tranen van ontroering, zo'n
klein lijfje, nog zo teer...
raken je dieper dan je kunt
zeggen, keer op keer.
|
|
Vrienden
Een hond, niet zomaar een beest,
maar een trouwe vriend,
die
alle pijn geneest.
Hij staat er voor jou, in goed
en kwaad,
hij is er altijd, hij staat
steeds paraat.
Heb je verdriet, hij biedt je
kracht,
om je weer op te beuren, zodat
je
gauw weer lacht.
Kom je thuis, dan wacht hij je
op,
is er iets niet pluis, dan gaat
hij voorop.
Dus behandel de hond, zoals hij
verdient,
zelfs als er niemand is, een
hond blijft
je beste vriend.
|


 |
|
Weet je…
De
vriendschap van een hond
is vriendschap voor het leven.
Voor
een ander niet te zien
hoeveel een hondje je kan geven
!
|
|
Het spreekuur van Dokter Hond.
Voor zijn hokje zit des morgens
Dokter Hond van Waffelstein
en hij helpt daar alle dieren,
die niet goed in orde zijn.
Hij weet raad voor alle kwalen
en ook laat men hem vaak halen.
Maar wie kan komt bij hem aan,
om genezen weg te gaan.
Wat wilt U, meneer de Veldmuis?
Dokter, trek me gauw een tand!
Boven voor of achter onder?
Au, au, au! Aan dezen kant!
Goedzo, geef de tang eens even,
nou, je hoeft niet zoo te
beven!
Trekken is voor deze pijn,
wel de beste medicijn!
Dank U wel, meneer de Dokter,
Goedendag! --- Wie volgt er nu?
Hagedis? --- een klap gekregen
Met een blauwe paraplu?
Een verband! --- nu weer een
ander
En hij helpt ze na elkander.
Dokter Hond van Waffelstein,
heeft voor elk een medicijn.
|



 |
|
Dat is…

Als
je ooit verdrietig bent,
weet in je hartje dat je iemand
kent,
die je kan vertrouwen
en altijd van je zal houden
Dat is..... je lieve hondje !
|
|
Daantje in’t hondeweer.

De
regen viel in stromen neer,
't was wat je noemt ‘echt hondeweer.’

Heel kalmpjes kwam daar hondje Daan
de natte straatweg langs gegaan.
Zeg, man, riep dravend mag're Piet,
voel jij de zware regen niet?

Loop, maak een beetje haast!
Waarom? vroeg Daantje, heel verbaasd;
maak jij maar benen voor mijn part,
het regent ginder even hard !
|
|
Een ziek hondje..

Hondje, wat zit je toch te hoesten,
kom ik maak een drankje klaar.
Eerst wat stukjes drop met
water en dan even schudden maar.
Ik zal je een wollen doek
ombinden,
kom, in je mandje zal het beter
zijn.
Ga nu maar lekker slapen,
straks breng ik je weer
medicijn.
|
Houdt moed, wacht op je geluk…
 |
Toe nou, ik weet dat je het daar niet leuk vind,
En dat het er best erg stinkt.
Maar toch moet je wachten tot iemand je haalt,
Zelfs ik snap dat je ontzettend baalt.
Weet je, ik heb al een hond,
Geloof me, anders was jij het die hier stond.
Geloof me, houdt moed, wacht maar op je geluk,
Als iemand je komt halen kan jou dag niet meer stuk.
En dan ben ik voor jou echt heel erg blij,
Want jij bent verlost van daar en eindelijk weer vrij.
|
|
|

|
Autorijden
Mijn hondje rijdt graag auto
dat is voor hem een feest
je moet hem dan zien zitten
dat rare hondenbeest.
Hij zit dan strak te kijken
uit het autoraam
zo rijden wij dan lekker rond
mijn hond en ik te saam.
maar als we dan weer thuis zijn
en ik hem buiten vraag
dan lukt dat slechts alleen
als ik hem buiten jaag.
|
|
Spijkers en gatjes..

Mijn hondje is mij lief,
wie het steelt is een dief.
Die zal zitten op een matje,
met zeven spijkers in zijn gatje.
Tot hij roept keer op keer:
au wat doet mijn gatje zeer !
~uit Bibi's poeziealbum~
|
Het cavaliertje en de vlinder…

Een cavaliertje mijmerde;
Als ik toch een vlinder was
Een vlindertje zo vrij
Dan zou ik komen fladderen
Fladderen in jouw wei…

Een cavaliertje bedacht;
Ik zou gaan zitten op je neus,
Om je warmte te voelen
Ik zou zoemen in je oor,
Om je te vertellen hoeveel ik van je hou…

Een cavaliertje zuchtte;
Als ik toch een vlinder was
met mooie kleuren zwart en rood
Dan zou ik fladderen dicht bij jou
Dichtbij jou, tot aan mijn dood…
|
|
Fikkie luister even,
straks bij tante Door,
niet met vuile pootjes
binnenkomen hoor.
Niet om brokjes vragen,
dat
staat niet beleefd,
wachten moet je Fikkie,
tot ze
jou wat geeft.
Ook niet snuffelen Fikkie,
netjes bij de haard,
blijven liggen Fikkie,
kalm
zijn en bedaard.
Heb je't goed begrepen,
heb je
't goed verstaan,
nou dan mag ons Fikkie
mee naar
tante gaan.
|
Fikkie luister even.

|
|
Echt
geluk….

2 kleine pootjes die
zich strekken
om dicht bij jou te zijn,
een kopje op je schouder
zo dierbaar en zo klein.
GELUK, dat hoeft niet
groot te wezen
maar het is onbetaalbaar
en het maakt je rijk
want geen GELUK is groter
dan zo'n kleine liefdesblijk!
|
|
Lief baasje…
Mijn leven werd een
warme plaats
waarin ik vrij kan leven…
Jouw liefde, die ik erg waardeer
heeft mij die warmte gegeven…
|
|
Een
hondenscheet..
is meer dan men
weet..
hij raast
hij blaast
hij stinkt
hij klinkt
hij verlicht d’n darm
hij maakt het gaatje warm
hij maakt het hartje gezond
en blaast de brokjes uit je kont..
|
 |
|
De Broodfokkerij

Het is eenzaam in mijn kooi
Ik droom van de zon
Ik droom van het gras
Ooit zag ik door het raam
Hoe mooi het echte leven was
Ik ken geen knuffel, geen aai
Voor mij geen nieuw begin
Ik zou graag uw vriendje willen zijn
Een deel van het gezin
Enkelingen besloten
Voor hun ego en het geld
Dat na produceren
Mijn dagen zijn geteld
Waarom moeten wij dit
doorstaan ?
Wij leven in’t Duister
Ons afzien
Is voor jullie niets dan een licht gefluister
Wij huilen zacht en vragen
Wie er voor ons vechten zal
Voordat ik sterf, wil ik slechts 1 ding
Een keer, slechts één
keer nog, buiten spelen…
|
Noppie
je leuke snoet je lieve ogen
die mij zoveel trouw beloven
je ondeugende streken
je aanhankelijkheid ik wil je echt ook nooit meer kwijt
je bent nu bijna 6 jaar hier mijn lieve king charles
cavalier en vrolijk wandel je door mijn leven
ik hoop dat we samen nog veel
plezier beleven
~'t baasje van Noppie~
|
 |
Toen onze mop een mopje was…

Toen onze mop een
mopje was,
Was hij aardig om te zien;
Nu bromt hij alle dagen
En bijt nog bovendien.

Waf-woef, waf-woef,
Waf-woef, waf-woef,
En bijt nog bovendien;
Nu bromt hij alle dagen

En bijt nog bovendien !
|
|
't Hartje

Ik heb geen hartje van zilver,
ik heb geen
hartje van goud,
maar ik heb wel
een hartje
dat van je houdt !
~uit 't poeziealbum van Bibi~
|
|
Gedienstig hondje
 
Mijn hondje haalt
mijn sloffen
en mijn avondkrant
hij haalt ze voor mij uit de
gang
hij is zo bijdehand.
 
Hij legt dat hele zooitje
voorzichtig bij mij neer
dan likt hij zachtjes aan mijn
hand
en kwispelt nog een keer.
 
Zo staat hij dan te wachten
tot ik in mijn sloffen sta
en daarna mijn gemak neem
en de krant dan lezen ga.
|
|
Ondeugende oogjes..
Twee lieve hondenoogjes,
kijken je verlangend aan.
Ze vragen om iets lekkers,
't is duidelijk te verstaan.
Ondeugende hondenoogjes,
kijken je nu lachend aan.
Hij heeft stiekum liggen smikkelen,
hij heeft het toch gedaan.
|
 |
|
Maschouffelke..

Het
katje en het hondje.
Maschouffel, Maschouffel, Maschouffelke,
Het katje en het hondje. Maschouffelke?
Wat geeft gij hun te eten?
Maschouffel, Maschouffel, Maschouffelke,
Wat geeft gij hun te eten?
Maschouffelke?
Zoete melk met wittebrood.
Maschouffel, Maschouffel, Maschouffelke,
Zoete melk met wittebrood.
Maschouffelke.
~ oud kinderversje ~
|
Pratende hond..
|
O, als
mijn hond eens praten konen dan mooie verhalen verzon.
Hij verzon gewoon dat hij kon zingen
en dat we samen naar zijn optreden gingen.
Mijn hond verzon ook nog allerlei sprookjes,
néé, niet van die enge, niet over spookjes.
Maar mijn hond kan helaas niet praten,
maar ik let op, ik houd hem wel in de gaten.
Want, heeft mijn hond ineens wel wat te zeggen, zal ik mijn oor goed te luisteren leggen !
|
|
Vissen..

Hondje Woef wil vissen vangen,
Bleef met z'n neus aan de
hengel hangen.
Hondje Woef riep: au, au, au!
En zijn neus werd rood wit
blauw.
~ 'n kinderversje ~
|
|
Een wens..
Uit de hemel van
heel ver,
viel een schitterende ster.
Ik mag een wens doen, dacht ik blij
en wenste een hondje, alleen voor mij !
Je bent nu al groot en heel erg lief,
je blijft voor altijd mijn hartendief !
|
 |
|
Mijn hondje klein

Al
ben ik 's avonds moe,
ik dek je altijd toe.
Je weet, je bent mijn hondje klein,
morgen hebben we samen weer gein.
Daarom vanavond tot besluit,
een zoentje op je lieve snuit.
|
|
Cavaliertjes vriendschap..
Van
cavaliertjes kun je leren,
hoe een vriendschap wezen moet.
Zij zullen je niet bezeren,
wat voor fouts je soms ook doet.
Steeds krijg je een lik of pootje,
altijd begroeten ze je blij.
Ze maken vriendschap tot een kadootje
en blijven steeds weer aan je zij.
Ze gaan voor je door het vuur
en blijven steeds van je houden.
Ja, hun vriendschap die is puur,
hun vriendschap is een "gouden".
|
 |
|
Mopke

Wie kent hondje
Mopke niet.
Mopke lust geen gras.
Mopke loopt parmantig rond
met een damestas.
In haar tasje zit een loep,
want Mopke houdt van lezen.
Mopke leest een
dames-hondjes-boek
met koeieletters door haar
loep.
Ons Mopke zegt geen boe of
bah,
maar lust wel graag een
brokje.
Welbedankt, mevrouw, meneer
en dan gaat hondje
Mopke weer.
|
|
Hondenbruiloft..

Hondje
Rose is net getrouwd, in 't schuurtje geeft zij bal.
De mensen zijn allang naar bed
en dan pas maken de hondjes pret,
hoor, daar begint het al.
Zacht sluipen al de hondjes
saam, ik denk wel twee dozijn.
Ze buigen sierlijk voor de
bruid, en blaffen zacht hun blijdschap uit,
dat zij hier mogen zijn.
De brui'gom Hondje Knevel
spreekt: "Kom zet je aan de dis,
je snoept maar echt zoveel je
wil, ook kaapt'ik gisteren heel stil
een bordje met gebakken vis.
En alles zweeft nu door elkaar,
en blaft van blijdschap luid.
De gasten hebben dolle pret, en
juichen
Leve lang lieve Rose, lang leve
lieve Knevel's bruid.
|
|


|
Het
snoeptrommeltje..
Kom
hier mijn lieve hondje,
kom hier, je moet in bad.
Een handdoek om je koppetje,
dan wordt je haar niet nat.
Komt 'r zeepsop in je oogjes, och lieveling
wat naar!
Kom hier ik zal je drogen,
ziezo, nu ben je klaar.
Je bent mijn liefste hondje
en mag nog
even mee.
Dan krijg j' uit
vrouwtjes trommeltje,
een stukje "weltevree" !
|

 |
|
Het hondje van lekkernij..

'k
Droomde gist'ren van een hondje
en zijn buikje was van koek,
van sucade was zijn neusje
en van chocola zijn broek.
't Hondje liep op rode klompjes
en die waren van fondant

Weet je wat zijn oogjes waren?
Kleine ronde stukjes drop
en hij had een aardig hoedje
van rozijnentulband op.
Droeg daarbij een aardig jasje
en dat was van pannenkoek
en dat stond hem even netjes
als zijn chocoladebroek

't Stak zijn pootjes recht naar
boven
en hij zei:" Nu ben'k een
reus".
En hij maakte van zijn pootjes
voor de grap een lange neus.
Even later ging hij dansen
en hij zong van tralala
en tot slot kreeg ik een stukje
van zijn broek van chocola.
|
|
Goeden nacht..
Mijn hondjes gingen slapen,
Zij waren heel erg moe.
Zij knikten met hun kopjes,
mij een welterusten toe.
Zacht ritselt ginds een
lindeboom
en ruist als in een droom.
Goeden nacht, goeden nacht,
mijn hondjes, goeden nacht.
De
zandman is gekomen,
gluurt door de schemering.
Of ergens soms een hondje,
nog niet ter ruste ging!
En ziet hij zulk een stoute
klant,
hij strooit in d'oogjes zand.
Goeden nacht, goeden nacht,
mijn hondjes, goeden nacht.
~ 't liedje wat oma zong voor het slapengaan ~
|


 |
|
Hou van ze !

Honden
zijn dieren waarvan je moet houden,
ze houden van jou en van ieder
ander!!
Wees verstandig mishandel ze
niet,
wat heb je er aan, toch
helemaal NIETS??
Hou van honden, zoals zij van
jou houden,
vergeet niet, ze zijn je maatjes voor het leven!
|
|
Hondje Woef
 
Hondje Woef was o zo klein,
wilde ongehoorzaam zijn.
Zachtjes liep hij weg van moe,
naar de grote kelder toe.
Hondje Woef, die lekkerbek,
hapte in een stukje spek.
Toen op eens een harde knal,
hondje Woef zat in de val.
hoe zijn moesje hem ook riep
't hondje riep alleen nog piep
piep piep.
|
|

|
Je trouwe vriend..
een hond
is je maatje
diegene die jouw vrolijk
begroet
met zijn zwiebelend staartje
maakt hij je dag weer goed
als je thuiskomtwacht hij je al
op
lief gevend een likje op je
wang
soms geef je hem op zijn kop
maar zo eigenwijs ze zijn,
ze gaan hun eigen gang.
|
|
Jij
ondeugend hondje !

Jij
klein ondeugend hondje, wat doe je mij verdriet,
je volgt je eigen kopje, maar
luisteren wil je niet.
Ik zeg wel duizend
keren, hondje zit toch niet zo stom,
maar 't schijnt je wilt niet
horen,
of je bent verbazend dom !
|
|
Koekhappen..

Toosje smulde in een hoekje,
van een lekker krentekoekje.
Ach, riep kleine broertje Jan,
mag 'k er ook een stukje van?
Nee, nee, nee, riep onze Toos
en zij keek zo boos, zo boos
en zij hield het koekje vlug,
weg voor Jantje op haar rug.
 
Maar bij Toosje in het hoekje,
zat de hond en keek naar 't
koekje.
Koekjes luste hij zo graag
En 't kwam nu zo laag, zo laag.
Hap, deed Bello en meteen,
liep hij met het koekje heen.
Ja, dat was een raar geval,
nu had Toosje niemendal.
|
Hondenpret..

Er
gingen drie hondenvriendjes
gezellig te snoepen uit.
Ze vonden 't ontbijt op de
tafel,
dat was er een kostelijke buit.
Ze knabbelden en ze likten
van al wat er voor hen stond,
En aten hun hondenbuikjes
Van 't lekkers heel dik en
rond.

Eén wou er wat melk gaan
drinken
De kan was verbazend glad,
Hij glibberde toen naar beneden
En plofte pardoes in het nat!
Dat was me een janken
en jammeren:
Ach vriendjes, helpen jullie me
toch.
Ik kan haast niet boven blijven
oh, strakjes verdrink ik nog!

Toen renden de twee met hun
beidjes
In volle vaart tegen de kan,
Die tuimelde onderste boven...
Ze schrokken er alle drie van.
Juist kwam er hun
baasje binnen,
De hondjes ontkwamen nog net,
Ze loerden van achter hun
mandje
en schaterden van de pret!
|
|
Mijn hond..
Je ligt lekker op de bank,
luid snurkend als dank,
mijn hond
Je rent achter de kat van de
buren aan,
ik roep je, je blijft kwispelen
en vragend staan,
mijn hond
Ook de krant wil je graag
pakken,
of door de storm afgerukte
takken,
mijn hond
Je loopt rennend door de
sneeuw,
voor mij ben jij de mooiste v
d eeuw,
mijn hond
Vraag mij niet wat ik er van
vind,
ik zie en behandel jou als mijn
kind,
mijn hond
De dierenarts legt zijn spuitje
neer,
jij bent er helaas niet meer,
je was (en blijft)
mijn hond!
|
 |
|
mijn
baasje..

mijn baasje, kijk me aan
wat doe ik verkeerd
waarom blijf je me slaan
mijn baasje alstublieft
ik hou van u
maar voel mij niet geliefd
Lief baasje kom toch even
hou mij vast
samen kunnen wij gelukkig leven
Lief baasje, doe ik iets
verkeerd
ik weet niet wat
heb ik u bezeerd
lief baasje ik zal alles doen
ik zal het beste hondje zijn
maar stop alstublieft het slaan met die schoen!
|
|
Honden..

Met een
hond om je heen is het altijd leuk,
lig je steeds weer in een deuk.
Hij speelt altijd met je de
hele dag,
je krijgt van een hond altijd
een lach.
Loopt met je in de wind, is
altijd blij,
tenminste wel die hond van mij.
Nee, wat ik zeg is geen grap,
    
Ben je verdrietig maakt een
hond je blij,
bij een hond voel je je vrij.
Nee je voelt je nooit meer
alleen,
want er is een hond om je heen.
Bij een hond lig je altijd in
de slappe lach,
een hond vermaakt je de hele
dag.
Genoeg redenen waarom een hond
leuk is,
ik
zei toch ik heb het niet mis !
|
|
De maag
van de hond..

knor knor doet mijn maag
dus ik stel mijn vrouwtje een
vraag
dat doe ik door heel zielig te
kijken
mijn weemoedige blik doet haar
bezwijken!
ja ja, ze loopt richting kast,
naar de snoeptrommel
En mijn buikje doet nog harder
rommel, rommel, rommel
het gaat lukken, zeker en vast
ik hoop zoveel snoepjes dat het
haast niet in haar hand past.
ik ga zitten en geef een
bevallige poot
hoeveel snoepjes zijn het en
zijn ze lekker groot
oh heerlijk, wat smaken ze weer
goed
ik geef mijn vrouwtje als dank
een dikke lik op haar snoet!
|
|
De kleren van de Haan..
Goeie morgen, lieve koe,
ik ben buurvrouw's hond Milou.
Slaap jij buiten elke nacht?
Ja, ik ook, ik houd de wacht!
Want mijn man, hond Piet,
die in 't donker beter ziet
trekt dan altijd er op uit,
hoorde je dat vreemd geluid?
Dat is de haan van buurvrouw Klat,
die heeft alwéér een kou gevat.
Hij staat vaak op een tochtig hoekje,
zonder hemd en zonder broekje.
Hond
Milou, wat je nu verteld,
ik sta werkelijk versteld.
Ik ken geen enkele haan met kleren,
ze hebben meestal dikke veren.
Het is ook "zogenaamd' bedoeld,
ik denk, dat het voor de haan zo voelt.
Weet je, och arm, de haan die ruit,
en zijn veren vallen allemaal uit.
Iedereen wijst en kijkt hem aan,
wat zo'n dier toch moet doorstaan.
Gelukkig krijgt hij snel weer kleren,
ik bedoel dus.. nieuwe veren !
|


 |
|
Hondenwandeling..
Als drie
hondjes wandelen gaan,
loopt de eerste
steeds vooraan.
Statig lopend
in haar treden,
komt de tweede
"aangeschreden".
Nummer drie
besluit de stoet,
ja, die hondjes
weten wel
hoe het wezen
moet!
|
|
Hoe
je mij aankeek,
dat was echt niet te geloven.
Je ogen zo betoverend,
ik raakte helemaal ervan
ondersteboven.
Je likte mijn hand,
zo teder en zacht.
Ik streelde jouw zachte haren,
je glanzende vacht.
Dat ene tikje van jouw neus op
mijn hand,
dat was wat mij toch beviel.
Een lief gebaar wat ik niet
wilde ontwijken,
en ik haalde jou uit het asiel.
|
Asielig.
 |
|
Onder hele hoge bomen

Onder hele hoge bomen,
in een groot en donker bos,
staat een heel klein aardig
huisje,
zomaar midden op het mos.

Als het donker is geworden,
is het helemaal niet naar,
want dan zitten alle hondjes,
heel gezellig bij elkaar.

Ieder zit dan op een stoeltje,
nooit is hier nu trammelant
en 's avonds zijn er heel
veel lichtjes,
in het hondensprookjesland.
|


 |
Een
grappig ding..
Op
moeders garenklosje,
op moeders naaimachien,
daar is - kom maar eens kijken! -
een grappig ding te zien.
Moes knipte van een kaartje
twee hondjes, broer en zus,
die staan nu met z'n beiden
hoog op de klos, heel knus.
Moes gaf ze elk een staartje
van onder aan hun pak,
waarmee zij ze in het gaatje
van 't garenklosje stak.
Als Moes nu zit te naaien,
heel vlug, op haar machien,
dan gaan die twee aan 't draaien, -
't is grappig om te zien!
Hoe vlugger Moeders raadje
nu om en omme gaat,
te rapper draait het paartje
dat op het klosje staat.
Met uitgespreide pootjes
doorklieven zij de lucht.
't Is of van pret zij schateren!
Ik zeg je: 't is een klucht!
|
|
Drie kleine hondjes..
  
Drie kleine hondjes,
die gingen op de jacht.
Ze wilden het zonnetje vangen
voor 't wegdook in den nacht.
Maar hoe die drie ook liepen,
het zonnetje bleef hen vóór
en als ze nog niet stille staan,
dan lopen ze nu nog door.
|
|
Een knappe hond..

een
knappe hond vouwt
hoedjes,
vouwt hoedjes van papier
Hij stopt ze vol met
groetjes,
met wensjes en plezier.
Een van die leuke
hoedjes,
heb ik voor jou besteld.
Doe dus de deur gauw open,
als er straks wordt
gebeld!
|
|
Een knappe hond..

een
knappe hond vouwt hoedjes,
vouwt hoedjes van papier
Hij stopt ze vol met
groetjes,
met wensjes en plezier.
Een van die leuke
hoedjes,
heb ik voor jou besteld.
Doe dus de deur gauw open,
als er straks wordt
gebeld!
|
|
Dit is mijn Bartje

Bolletje wol, maar dan beweeglijk,
dik en lief, mijn kameraad.
Grappig zacht, maar ook
karaktervol,
rond en macho, veel hondekwaad.
Robbertje vechten, maar vol
tederheid,
stevig en vlug, mijn hondebeest.
Zalig lui, maar niet
onachtzaam,
pluizig en stoer, ondeugend
geweest.
Rondjes draaien, maar uit
zottigheid,
klein en warm, mijn
troetelbeer.
Languit slapen, maar dicht
tegen mij,
fier en zelfzeker, maar oh zo
teer.
Dat is mijn hondje, het heertje
in huis,
degene die mijn leven deelt.
Hij maakt van ons huis zijn
thuis,
waar hij slaapt, eet en speelt.
Het is voor mij heel klaar,
dit pluizehondje wil ik niet
meer kwijt.
Zijn plaatsje is naast mij,
hij geeft mij veel genegenheid.
|
Omdat hondje jarig was..

In
een alleraardigst huisje
met een alleraardigst tuintje,
vol met allerliefste bloempjes,
woonde een alleraardigst
vrouwtje.

En dat alleraardigst vrouwtje
had een alleraardigst kindje
met een alleraardigst jurkje
en met allerliefste klompjes.

En dat alleraardigst kindje
had een alleraardigst hondje
met een alleraardigst kopje
en met allerliefste oogjes.

En dat alleraardigst hondje
droeg een alleraardigst strikje
van een alleraardigst kleurtje.
Weet je wel, waarom dat was?
Omdat hondje jarig was!
|
|
Het hondje Ukkepuk..

Het hondje Ukkepuk heeft het altijd druk :
maandag moet ze dweilen
dinsdag nageltjes vijlen
woensdag kluifjes bakken
donderdag houtjes hakken
vrijdag hondenpap roeren
zaterdag puppy's voeren
op zondag is ze vrij
dan heeft ze een rustdag net als wij.
|
Een aardig paartje..
Er
was eens een hondje,
een aardig klein ding,
dat heel in zijn eentje
wat wandelen ging.
't Droeg glimmende schoentjes,
een broekje, een jas,
een boordje, een hoedje,
een keurige das.
Daar zag ons meneertje
een hondeke gaan,
met rokje en bloesje
en manteltje aan.
Hij groette heel vriend'lijk
zij groette terug.
Zó maakten ze kennis,
ging dat nu niet vlug?
En zes weken later
toen zijn ze getrouwd.
En nooit heeft het onze
twee hondjes berouwd.
|


 |
|
Hondje Plas
Er plaste een
hondje
tegen een blad.
Toen vroeg de tuinman:
"Zeg, mag jij dat?"

Toen zei het hondje heel brutaal:
"Dat doen wij hondjes allemaal".
|
|

~
If tears could build a stairway,
And memories a lane,
I'd walk right up to heaven,
And bring you home again.
~

|
De deugniet..
 
Ied're avond trok bij buurman,
een hondje aan de bel.
Buurman werd daar o zo boos om,
maar hij dacht: "ik krijg hem
wel".
's Avonds ging hij op de loer
staan,
eind'lijk wist hij wie het
deed.
Toen sprak buurman bij
zichzelve:
"morgen hebben wij de deugniet
beet".
  
Toen de hond de and're avond,
weer de bel te pakken had.
Gooide buurman uit het venster,
hondjelief met water nat!
Druipend van het koude water,
is hij op de loop gegaan.
En hij heeft het na die avond,
nooit bij buurman meer gedaan.
|
|
Naar de dierenarts..

Stef moet naar de dierenarts,
dus hij heeft zich vlug
verstopt,
maar ik zie iets bangs en wits
en bruins,
waarin ook een hartje klopt.

Met
zijn ogen vol van schrik
zit hij daar en zweet en hijgt,
Weet hij al dat hij een prik,
tegen hondenziekte krijgt?

Rare wachtkamer is dit,
dus wij kijken in het rond,
naar het volkje dat daar zit:
een marmot, nog een oude hond,

Iemand met een rat op schoot
o, het beestje bibbert zo,
en een jongen geeft brood,
aan zijn ernstig zieke vlo.

Daar komt de verpleegster aan
voor de volgende patient,
onze Stef heeft haar verstaan,
en was dolgraag weggerend.

Dan de prik auw, auw, auw, auw,
o, nu staat mijn kont in brand!
Maar gelukkig, het ging gauw,
en hij mag weer in de mand.

Stef, je bent zo flink geweest,
ik heb wat voor jou bewaard,
thuis krijg jij een heerlijk
feest:
lekkere melk en een stuk taart.
|
|
Mijn honden..

In al mijn verdriet zijn jullie daar,
troosten me op je eigen manier.
Want liefde zo mooi en puur,
krijg je alleen maar van een
dier!
Jullie wachten op me, al is het
nog zo laat,
en hopen op een plekje bij me,
op schoot en even een aai.
Dan is het dollen en lekker
stoeien,
heel soms mag er eentje mee
naar bed,
jullie hebben altijd dolle
pret.
Wat een liefde kan een dier je
geven,
zo intens en ongeremd.
Ze voelen feilloos wat je voelt
en hoe je bent gestemd.
Och, was er maar een plaatsje
in de hemel,
die ik aan jullie geven mocht.
Maar zelfs dan kan ik jullie
niet missen,
zo erg ben ik aan jullie
verknocht.
En wat mensen ook zeggen,
jullie hebben wel gevoel.
Want zonder dat ik iets hoef te
vertellen,
weten jullie hoe ik me voel!
|
|
Alleen..
Als
ik mij alleen voel,
dan praat ik tot mijn hond.
Die zit dan stom te kijken
en knipoogt dan wat rond.
Hij
draait ook met zijn oortjes
naar mijn stemgeluid.
Met zijn rode tongetje
een stuk zijn bekkie uit.
Het
is alsof hij zeggen wil:
ach mens ga jij toch heen,
met een hond als ik bij jou,
ben jij toch niet alleen!
|
 |
|
Twee oudjes..

Wij
zijn twee oude mensen
en we hebben twee oude honden,
we zijn samen echt een paar,
ook onze hondjes zijn 'n paar .
We zij, net als onze hondjes,
heel lang samen,
al reeds voor menig jaar.
De
tijd gaat nu snel komen,
dan moeten wij hier gaan.
Naar de mensen of de
hondenhemel,
hier van de aarde vandaan.
Wie
van ons het eerste is
en voor de poort zal staan.
Die zegt: ik blijf hier
wachten,
mijn maat komt ook eraan.
|
|
Baasje´s knie..

Iedere keer op baasje´s knie, is het of ik sterren zie.
Hij hotst en knots mij door elkaar, net of ik op de golven vaar.
Hij gaat maar door en houdt niet op en zingt erbij van
hop...hop...hop...
Ik ben nog klein en kan niets zeggen, ik wou dat ik het uit kon leggen.
Ik vind dat helemaal niet fijn, soms doet het ook een beetje pijn.
´t Lijkt net of hij het prettig vindt, dan denk ik maar....´t is net een
kind!
|
|
Mijn laatste wens..

Als
ik eens broos en zwak zal zijn en niet meer slapen kan van pijn.
Doe dan wat nodig is, want och, die laatste slag verliest men toch..
Ik weet dat het je droef zal maken, dwing toch jezelf niet te verzaken.
Dan, meer dan menig andere dag, blijkt wat je liefde echt vermag.
Wij hadden het jarenlang zo goed, dat geeft ons ook de laatste moed.
Jij wilt toch ook niet dat ik lijd? Laat mij dus gaan te rechter tijd.
Breng mij, waar men hulp dan biedt. Één bede slechts: "verlaat mij
niet".
Houdt mij zacht pratend tegen je aan, totdat mijn ogen breken gaan.
Je weet, al is het later pas, dat dit voor mijn eigen bestwil was.
Mijn staart gaf jou de laatste groet, ik lijd niet meer, en dat is goed!
Treur niet omdat het lot bewerkt, dat jij, juist jij, mijn tijd beperkt.
Wij waren toch elkaar zo na, laat dat een troost zijn als ik ga!!
Dag...tot ooit !
|
|
Doerak..
Een
reisje maken met de trein,
dat
leek Doerak best eens fijn.
Maar hoe doe je dat als
hondenbeest
hij was zelfs nog nooit op een
station geweest.
Hij was er wel eens langs gelopen,
dat deed hij bijna iedere dag.
Maar als hond naar binnen toe,
denk dat dat niet mag...
Na
lang denken kreeg hij een idee,
hij liep gewoon met een meisje mee.
Iedereen dacht toen alras,
dat hij haar eigen hondje was.
Zo,
dat ging goed, dacht Doerak bij zijn eigen,
nou nog kijken of ik een trein kan krijgen.
Hé, wat ging dat makkelijk zeg..
en na vijf minuten reden ze al weg.
Onder de banken waren fijne plekken,
daar zouden ze hem niet ontdekken.
Hij had het heel erg naar zijn zin,
lekker warmpjes sliep hij in.
Hij
was al gauw in Dromenland
en toen hij wakker werd
lag hij in zijn eigen mand
hoe
kan dat nou ?????
|

 |
Mijn
oude hond..

|
Bij ons in huis
woont ook een hond,
die heeft een rode staart
en een blauwe mond.
één groen en één geel
oor
en zijn neus is goud,
wel voorzichtig zijn hoor
want hij wordt al oud,
Zijn buikje zit vol
gaatjes
dat hoeft niet gemaakt,
we zijn goede maatjes
oma heeft hem gehaakt. |
|
Oma’s hondje

Oma kan niet meer voor
hem zorgen
Ze is vaak ziek en moe
Haar hondje moest vanmorgen
Naar een nieuw baasje toe
Oma is naar ’t bejaardenhuis
En haar hondje kon niet mee
Hij krijgt wel weer een goed thuis
Maar oma zit er toch wel mee
Ze zou hem nog zo graag eens zien
Heel even als het mag
Hij was zo lief, een echte vriend
Oma mist hem elke dag…
|
|
Lol in een
dierenartsenpraktijk.
We
hebben voor u wat voorbeelden verzameld van humoristische voorvallen in
een dierenartsenpraktijk.
Hier gaan we : Mevrouw zet haar boxer op tafel en vraagt de dokter om
even naar haar chihuahua te kijken (waar heeft ze die nou verstopt?)
Dierenarts kijkt wat onnozel en dan beseft ze haar blunder. "Oh, ik
bedoel haar plasser, dat vind ik netter klinken".
Dierenarts vangt op in het park: "Mevrouw, is dat een reu?" "Ja, en ze
is nog loops ook".
|
 |
|
Nog meer lachen en lol uit een dierenartsenpraktijk.
We
hebben voor u nog wat voorbeelden verzameld van humoristische voorvallen
uit een dierenartsenpraktijk.
   
Grapje :
Meneer heeft een nieuw hondje.
Dierenarts: "Meneer, dat hondje komt van een echte broodfokker".
Eigenaar: "Dat klopt, want ze kregen alleen maar water en brood".
Het diertje is volgens hem "al een paar dagen ziek. Het is
'levenloos'"(?!)
Gelukkig valt dat mee, het diertje leeft gelukkig nog,
maar is wel verdacht van Parvo
(een ernstige darminfectie, die vaak met de dood eindigt).
De vraag volgt "of Parvo 'aanstekelijk' werkt?"
Een paar dagen later gaat het al een stuk beter:
"Hij splitst zijn oortjes alweer".
Spaanse vrouw staat te puffen van jewelste nadat haar dier is behandeld.
Op de vraag of ze zich wel goed voelt, antwoordt ze:
"Oh, dokter, kheb zo'n last van de vliegende warmte" (opvliegers).
Eigenares belt op dat de poes bloedt uit haar vagináátje.
In de spreekkamer meldt ze:
"Er komt iets uit haar hupsakee". En inderdaad, we zien een staartje.
"O, dokter, hij komt in stuitlichting".
Iemand wil de kat laten steriliseren: "Ik ben aan U verzonden door de
Stichting Zwerfkat".
Een ander had niet goed geluisterd en had het over de Stichting
Sterfkat.
Weer een ander wil dat we even de 'stiksels' eruit halen.
Iemand meldt boos, dat de door ons gesteriliseerde zwarte kat tot haar
verbijstering gejongd heeft. "Mevrouw, dat kan niet.
We halen altijd de hele baarmoeder weg. Komt U maar een keertje kijken
als we poezen steriliseren, dan laten we zien hoe dat gaat".
Zo gezegd, zo gedaan.
Tijdens haar bezoek vindt ze het toch ook wel een vreemd geval.
"Mevrouw, bent U uw kat soms een tijdje kwijt geweest?"
"Ja, maar waarom vraagt U dat?"
"We zijn bang dat U een wildvreemde kat heeft binnengehaald".
Dan is het een paar seconden stil. "Oooh, dan is mijn tweede kat
daarom weggelopen!"
Logisch dat mevrouw nog triester naar huis ging dan ze kwam....

Mevrouw heeft een jong poesje gekocht. "Mevrouw, waar heeft
U het vandaan?"
Antwoord: "Van zijn moeder."
Een vrouw: "Ik kom de poes laten enten, maar ik ben overtijd.
Mevrouw komt binnen: "Mijn moeder is doment en haar poes is bij
U in onderhoud.
Even later: "En, kunt U iets aan hem concentreren?".
Mevrouw belt, dat de 'kaviaar' ziek is. Als de assistente zegt: kom maar
direct, het spreekuur begint over 5 minuten".
Antwoord: "Oei, Als dat maar niet te laat is".
|
En nog meer lol uit de dierartsenpraktijk !

Gelezen in het operatieboek: "16 januari Pastoor Smit castreren".
De
anaalklieren worden ook voor van alles uitgemaakt.
"Dokter, de hond glijdt zo met zijn achterste over de grond, kunnen
het zijn analen zijn?"
Een man meldt dat de hond last heeft van zijn 'fondue'.
Weer een ander heeft het over de hond zijn ananás.
En
de leukste: "Dokter, de hond heeft last van zijn naaldhakken".
(Anaalzakken, voor de leken onder ons:
noem het maar 'stinkklieren' naast de anus).
Dan zijn er mensen die vragen of oormijt van de krant kan komen en
of een hond ook bladluis kan hebben.
"Ik kom shampoo halen voor de 'geile cellen' (cheilletiella, 'n soort
schurftmijt).
Andere verbasteringen: 'oorzalf van Fietser' (pfizer), 'Daktari-zalf' (Daktarin),
een flesje 'entrecote', (oogdruppels ophtacôte).

Daktari
tv serie uit de 60- er jaren
Of "de hond ook last kan hebben van Agnes?" (acné).
En of honden ook een 'fitsel' kunnen hebben.
Een man komt voor 'Stomatabletten'
(hij bedoelt Stomacin, een middel tegen een ontstoken bekje).
En tenslotte: "Wat kost bij U het consulaat?" (consult) en "Heeft U
het telefoonnummer van de 'Gynaecologenclub?" (Kynologenclub).
De
coctailprik wordt ook nogal een verbasterd: "Geef hem de mix maar"
of de "Combi-prik" of de "Bobtailprik"(die hebben niet goed geluisterd).
Vervolgens: "Wilt U het in het vaginatieboekje zetten?"
Daar had de eigenaar achterin genoteerd: '3 Januari prik gehad tegen
de loopse gijt' (voor wie het niet begrijpt: loopsheid).
Wachtkamer PrietPraat:
    
Man
in de wachtkamer: "Ik kom voor de vlooien". "Oh", zegt een ander,
"moeten ze ingeënt worden?"
Dit hebben we in iets andere vorm ook gelezen in een moppenboekje,
in deze praktijk is het echt gebeurd. De assistente zegt tegen een jong
meisje in de wachtkamer: "Waar ken ik je van, ik kan je niet
thuisbrengen".
Daarop zegt het meisje: "Dat hoeft niet, ik ben met de fiets".
In
de wachtkamer zit een wel zeer zwart persoon. De assistente wil graag
zijn naam weten. "Jansen". Blijkbaar kijkt de assistente wat bedenkelijk
want tot grote hilariteit van de hele wachtkamer voegt hij eraan toe:
"Dat zou je niet zeggen, hè?"
|
Takko Tekkel

Takko Tekkel is een hond
die altijd klein zal blijven
en er zijn mensen in 't land,
die daar de spot me drijven.
Die lachen Takko Tekkel uit,
zomaar midden in zijn snuit.
Maar dat is niet erg beleefd,
want dat hij korte poten heeft en hele lange oren,
daar kan Takko niks aan doen,
zo is hij geboren!
|
|
Soms
soms zou ik willen dat ik elke dag
een lief, klein pluizig hondje
was
ik zou alles doen wat maar niet
mag
pantoffels verstoppen, of een
plas
in de kamer doen, net achter de
bank
en als je dan in mijn ogen
kijkt,
opmerkzaam gemaakt door de "stank"
word je niet boos, waaruit jouw liefde blijkt.
|
|
Roosjes vriendschap

Het
mooiste roosje dat men ziet,
verwelkt in korte tijd.
De trouwe vriendschap echter
niet,
die duurt een eeuwigheid.
Tussen vriendschap en een
roosje,
is een heel groot onderscheid.
Roosjes bloeien maar een
poosje,
maar Cavaliertjes vriendschap
duurt een eeuwigheid!
|
|
Zeg lief klein hondjes-meisje

|
Nooit de moed verliezen..
kun je niet vliegen, loop..
kun je niet lopen, ga..
kun je niet gaan, kruip..
maar blijf nooit stil staan,
nooit dalen, altijd opgaan!
kun
je niet lachen, glimlach,
kun je niet glimlachen,
wees toch blij,
kun je niet blij zijn,
wees tevreden!
maar nooit de moed opgeven
en altijd voorwaarts streven!
~mams~
|
|
Voor Sydney.
29/05/2006 - 01/08/2006

Hee puppy, ik zie je daar staan
Over mijn wang loopt
een traan
Waarom moest je nou
weg
Ik was al zo aan je
gehecht
Jij, jij was
ongeneeslijk ziek
En ik, ik kon er niets
aan doen
Je had gelukkig geen
pijn
Oh, klein puppy
manneke,
was je maar niet ...
Ik zie je daar staan
Over mijn wang loopt
een traan
Buiten hoor ik slechts
regen
Hier tegen het raam
Ik zie je daar steeds
staan
Over mijn wang loopt
weer een traan
Jij, jij was
ongeneeslijk ziek
En ik, ik wist wat te
doen...
|
|
Je hondje

Je hondje is je
hondje
zo lief en vertrouwd
Je wilt hem niet graag missen
omdat je van hem houd
Maar opeens komt dan de dag
dat je hem moet laten gaan
Je gevoel zegt, dat het goed is
maar in je ogen blinkt een traan
Lydia Vrossink
|
|
Achter de Regenboogbrug..

Gisteren toverde ik een trapje,
van hier tot aan de
Regenboogbrug.
Dan kan elk dier s'nachts om
twaalf uur,
even naar het baasje terug.
Kijk dan mensen, kijk toch mee,
daar komt tussen al die hondjes
ook jullie hondje
naar benee.
Zie je hem komen,
wat rent hij hard.
Hij weet dat je wacht
met al je liefde in je hart.
Hij springt in je armen,
jij kust hem, hij likt terug
en laat jou met z'n zacht gelik
weten..
het is fijn, maar ik mis je....
achter de Regenboogbrug !
|
|
Is het tijd ?

Oud
en moe gestreden
Toe maar
Ga maar
Je hebt genoeg geleden
~ voor oma ~
|
|
Lieverd.....

We zagen hondjes
spelen op het gras,
ik dacht aan jou, aan hoe het was
en hoe het worden zou. Kijk:
vroeger dacht ik dat ik altijd, altijd
leven zou, net als mijn vader, wij
stonden te kijken zoals wij
nu, en nu ik denk aan later,
zijn we gemaakt van tijd.
O ja, jij houdt nog van mij
en ik hou nog van jou, maar denk
al aan je terug en jij denkt wat
bedoelt hij toch. Kijk:
ik ga voorbij, je moet vergeten wat
ik zei, wie ik was, en weten dat
de hondjes blijven spelen op het gras.
|
|
Intens verdiet
zwijgzaam staar ik over het water,
de ondergaande zon kleurt de lucht helder rood.
De aanwakkerende wind veroorzaakt een zacht geklater,
ik treur…….mijn hond is dood.
Ik vervolg mijn voetstappen door de branding,
in de verte hoor ik het geblaf van enkele honden.
Ik laat mijn gedachten de vrije loop.
Ik ben op de vlucht. Ik denk niet aan later.
Tijd zeggen ze……tijd heelt alle wonden.
Gister had ik het nog…….
dat kleine beetje hoop.
Ik ga terug in het verleden,
toen liepen wij hier nog samen.
Soms een gesprek aangaande met andere mensen.
Nu ben ik alleen, en denk…..kom ik hier nog wel overheen?
Waarom toch….er was géén reden.
Onbewust gooi ik de stok die ik op het strand vind.
Ik voel de tranen komen, mijn gesnik wordt verdoezeld door de wind.
Niemand die luid blaffend mijn reactie beantwoord.
Nooit meer….want ze hebben mijn
beste vriend vermoord.
Hier moet ik mee verder leven.
Een foto……een herinnering.
Nooit, maar dan ook nooit zal ik het de dader vergeven.
Met jou is er een deel van mij gegaan,
mijn haat jegens de gifstrooier
zal altijd blijven bestaan,
maar mijn liefde voor jou
zal nooit vergaan.
( Een boos en
verdrietig iemand )
|




|
|
Liever
hond dan heer

Meneer van der Veer
uit IJsselstein
die zei: 'Ik had liever hond willen zijn.
Mens zijn is natuurlijk een eer,
maar toch ben ik liever een hond dan een heer.'
Hij haastte zich naar
de bieb op de hoek
en leende daar een groot toverboek.
Op bladzijde tien stond onder andere
hoe je jezelf in een hond kunt veranderen.

Hij las: Leer alle
mensendingen af.
Na een paar uur zei hij al woef en waf.
Hij leerde kwispelen, maar na drie weken
was de uitleentermijn van het boek verstreken.
Het toverboek moest
naar de bieb terug,
wel dat was natuurlijk een beetje te vlug.
Van der Veer die moest zijn pogingen staken
midden in het hoofdstuk Boerderijen bewaken.

Hij zei: 'Het is
vervelend en doet erg zeer,
maar goed, dan blijf ik gewoon een meneer.'
Nu zit hij weer in het dagelijks bestuur
van de hondenclub, maar 's nachts om twaalf uur
zie je hem soms in zijn tuintje staan,
daar huilt hij eenzaam naar de volle maan.
Laatst kwam ik hem
tegen op een fuif
en hij was de enige met een vette kluif.
Toen dacht ik, guttegut, die meneer van der Veer
is nog geen hond, maar toch ook niet meer heer.
(naar Annie
M.G.Schmidt)
|
|
Liefde
voor een hond is..

... houden van ...
... denken aan ...
... zorgen voor ...
... vertrouwen op ...
... samen wandelen gaan !
|
|
Lieve Doenja,

Een rot gevoel heeft mij gevangen,
En tranen stromen over mijn wangen.
Regelmatig zie ik je bij me komen,
Maar als ik mijn ogen open waren het maar dromen.
Helaas ben je er niet meer,
en dat doet me zoveel zeer.
Nooit zal ik jou vergeten
Door jou ben ik door het cavaliervirus bezeten.
Er zullen andere cavaliertjes komen,
Maar van jou zal ik altijd blijven dromen.
Je vrouwtje
|
|

Japie de hond,
vroeg zich af wat is gezond.
Een hapje uit de stompe kaars,
of een hapje uit de rubber laars.
Tot zijn grote verdriet,
smaakte hem dat niet.
Wat moest hij nou toch eten,
zijn baasje leek hem wel vergeten.
Zijn maagje knorde keer op keer,
en zijn buikje deed best wel zeer.
Treurig liep hij terug naar zijn hondenhok,
en vond daar nog een lekkere hondenbrok!!
|
|
Het vliegend hondje
  
Een hondje uit Bommelen,
dat hield heel veel van
schommelen.
Maar op een dag ging hij
zo hoog,
dat hij pardoes de lucht
in vloog.
Hij vloog langs Mars en
Grote Beer
en die riep; 'Goeiedag
Hondjes Meneer.
Ik hang maar wat te
dommelen,
wilt u soms met mij
schommelen?
Waar gaat de grote reis
naar toe?
Maar
het hondje uit Bommelen riep:
'Ik wil weer naar mijn
Moe'!!
|
|
Speelgoedbeestjes

Ze stonden in de winkel op een rij.
Ze konden nog niet zien en nog niet horen.
Want speelgoedbeestjes worden pas geboren
als er een kindje zegt: “Jij wordt van mij!”
Er was een och-zo-klein puppiehondje bij,
helemaal wit en bruin, met grote bruine oren
(één stond rechtop, één leunde wat naar voren)
en ‘t hield zijn kopje eventjes opzij.
En toen kwam kleine Roxan.
Ze keek langs heel de rij
en zei toen: “Dag puppiehondje,
kom maar, je wordt van mij.”
Ze nam het zachtjes in haar arm,
ze streek het langs zijn oren,
en toen werd het puppiehondje warm.
En toen was het geboren!
~
voor baby Roxan ~
|
|
Keurige
mensen….
 |
Het zijn keurige mensen, ze wonen in een rijtjeshuis in een
keurig nette buurt.
Ze hebben 2 kinderen, een jongen en een meisje, het ideale
gezin, zeg maar het standaardgezin. De kinderen zijn keurig
netjes en beleefd tegen buren, familie en kennissen, niets op
aan te merken. De man is tegen het doodslaan van zeehondjes en
ontzettend kwaad op de Verenigde Staten, waar een hond ter dood
veroordeeld werd. |
De
vrouw doet sociaal werk, of dit nu voor de kerk is of het Humanistisch
Verbond. Nee, het zijn keurige mensen.
De kinderen zijn 7 en 9 jaar oud, dus is het wel leuk om een hond te
nemen. Ze kochten dus een echte raspup bij een goede fokker, tenslotte
zijn het keurige mensen. Ze zijn tegen het doodslaan van zeehondjes en
de Verenigde Staten kunnen hun helemaal wat. Nee, het zijn keurige
mensen en zoals je leest echte dierenvrienden. Maar het hondje werd
groter en groter en ze konden niet altijd thuis blijven voor de hond,
want ze hebben hun verplichtingen, vergaderingen hier, recepties daar,
verjaardag van tante Truus, enz. De hond wegdoen, dat kan niet, het zijn
keurige mensen, wat zouden de buren er wel van zeggen. Een goede rashond
is ook wel een beetje statussymbool en het zijn keurige mensen.
De schuur achter in de tuin werd netjes opgeruimd en daar kon de hond
dan netjes in leven. De hond krijgt elke dag op tijd zijn natje en
droogje,want zij zijn echte dierenvrienden en natuurlijk keurige mensen.
In het begin mocht hij ook nog wel eens binnen, maar op een dag was hij
zo blij dat hij de bloempotten van de vensterbank afgooide, dat gaf
echte rommel en dat ging niet, want het zijn keurige mensen.
De hond bleef dus voortaan in de
schuur. Alleen in de winter mocht hij
's nachts binnen voor de keukendeur liggen, want je kunt een hond toch
niet, als het vriest, in de schuur laten. Zulke keurige mensen zijn het.
Als ze 's avonds weggaan wil de hond hen graag gedag zeggen, kwispelen,
gewoon even lief zijn, maar dat gaat niet, want dan worden zijn zondagse
pak en haar nieuwe jurk vuil en zij zijn keurige mensen. Nee, de hond
blijft keurig netjes in de opgeruimde schuur, natuurlijk op tijd zijn
eten en zijn drinken, maar verder kan de hond zich vervelen, er is geen
hond om mee te spelen.
Een aardbeving of watersnood elders in de wereld, hongerende kinderen in
de Derde Wereldlanden, een epidemie in Afrika: even een girootje
uitschrijven naar het speciale nummer van de een of andere
hulporganisatie, want het zijn keurige mensen.
De hond berust in zijn lot, hoewel hij graag eens wil blaffen, kwispelen
met zijn staart als hij blij is, maar hij is nooit meer blij. Een hond,
die behoefte heeft aan liefde en vriendschap, zit eenzaam en alleen in
een koude schuur. Maar hij woont bij keurige mensen, dat wel. Dan op een
morgen, de man gaat 's morgens vroeg de hond zijn brokken geven, maar de
hond is overleden. Gestorven in eenzaamheid. De man gaat weer naar
binnen om het te vertellen. De vrouw zegt: "O, wat zielig, hij was zo
lief en was al jaren bij ons". Dat moesten zij wel zeggen, want het zijn
tenslotte keurige mensen.
Oh, ja weet je dat er in Nederland veel van deze keurige mensen wonen?
©
van het Labber Kampje Cavaliers
|